Welkom op de speciaal toegankelijke website van HANDICAPNIEUWSnet. HANDICAPNIEUWSnet is uitgsproken actueel: Startpagina
Keuzeknoppen om verder te gaan naar: vandaag maandag dinsdag woensdag donderdag vrijdag Startpagina
::

HandicapnieuwsMAIL

Keuze: ReadSpeaker uit.

Lees voor

WELKOM

Hartelijk welkom bij HandicapNieuws. De dagelijkse nieuwssite door Handicap Nationaal. HandicapNieuws probeert DE website te zijn voor hen die niet of moeilijk op de gebruikelijke manier kunnen lezen, surfen en/of internet kunnen hanteren.

Dagelijks wordt hier door een kleine, enthousiaste groep vrijwilligers nieuws gezocht, geselecteerd en geplaatst voor, door en/of over gehandicapten, chronisch zieken en hun omgeving en in toegankelijke, (voor-/mee-)leesbare vorm aangeboden.

Het nieuws van HandicapNieuws wordt verder uitgedragen door gebruik te maken van Social Media, e-mail (HANDICAPNIEUWSmail), RSS-feed, deze platte tekst-versie (met o.a. automatische voorlzen en eenvoudige 6-knops bediening) en per gedrukt magazine (HNnieuwsbrief).

[MEER INFO]

Handicap Nationaal is een algemeen nut beogende organisatie (vereniging) voor gehandicapten, chronisch zieken en hun omgeving.

De kerntaken van Handicap Nationaal zijn:
- (toegankelijke) Nieuwsvoorziening en informatieverstrekking.
- Vraagbaak en adviespunt. (HN-INFOpunt)
- Belangenbehartiging op lokaal, regionaal en nationaal gebied.

Voor meer informatie over Handicap Nationaal gaat u naar: www.handicapnationaal.nl.

Je luistert naar HandicapNieuws UPDATE van vrijdag 14 december 2018.
Handicapnieuwsmail is het dagelijkse mailmagazine van handicap nationaal.
De voorleesfunctie wordt u aangeboden door readspeaker nederland.

VANDAAG IN ONS NIEUWS:
Oudere grieppatiënten sneller naar verpleeghuis.
Topartsen hebben contracten met producenten hulpmiddelen.
Minister: Zorgprofessionals moeten ME-patiënt serieus nemen.
Oud-bewindsman Van Rijn: minder concurreren in zorg.
Internetconsultatie vereenvoudiging Wajong.
NZa: Veel meldingen over contractering.
Bewaking van kwaliteit en veiligheid van medische hulpmiddelen voor thuisgebruik kan beter.
Impuls voor samenwerken aan gezondheid in de wijk.
Afspraken rondom handtekening onder zorgplan: minder handtekeningen.
Groeiend aanbod voor disabled golfers.
Nieuwe versie Leidraad Meldingen Jeugd.
NZa creëert ruimte voor zorgvernieuwing en belonen van resultaten in eerstelijnsverblijf.
McDonald's neemt maatregelen tegen antibiotica in burgers.
Kledingwinkel mag geen lachgasballon geven bij aankoop.
VPRO presenteert Stuk: een noodlotsvertelling.
Wonderdokter verkrachtte Nederlandse choreografe.
Een testament kan veel narigheid voorkomen, maar lang niet iedereen heeft er een.
Feit of fabel: Dit moet je weten over je darmen.
De Irisone: uniek hulpmiddel bij het voorlezen van teksten.
Samenwerking staat centraal in de nieuwe Staat van Zoönosen.
CIZ beleidsregels 2019 bekend.
Verras eenzame ouderen door een kerstkaart te sturen.
HN-INFOpunt: Is er ook een rookverbod voor bewoners in het verpleeghuis?
Onze Lachafsluiting.

Voor meer informatie over de handicap nationaal? ga naar hun site: www.handicapnationaal.nl, mail naar info@handicapnationaal.nl, of bel op kantoortijden naar 06-12390746. en dan nu onze artikelen van vandaag.







ARTIKEL: OUDERE GRIEPPATIËNTEN SNELLER NAAR VERPLEEGHUIS.
bron: Redactioneel/Trouw/Zorg.nu/ANP MediaWatch.

Ziekenhuizen gaan oudere grieppatiënten sneller doorverwijzen naar verpleeg- en verzorgingshuizen en zorghotels om te voorkomen dat afdelingen verstopt raken door een grote toeloop. Het Landelijke Netwerk Acute Zorg (LNAZ) heeft hiervoor samen met zorgorganisaties plannen ontwikkeld, schrijft Trouw.

Afgelopen winter was de griepgolf langer en omvangrijker dan andere jaren. Dit zorgde voor problemen in ziekenhuizen. Zorgloketten zullen nu de doorstroom vanuit ziekenhuizen regelen.

Ook hebben ziekenhuizen hun personeel aangespoord de griepprik te halen. De vaccinatiegraad in ziekenhuizen is daardoor gestegen van 13 naar rond de 20 procent.







ARTIKEL: TOPARTSEN HEBBEN CONTRACTEN MET PRODUCENTEN HULPMIDDELEN.
bron: Redactioneel/De Telegraaf/ANP MediaWatch.

Tientallen topartsen van universitaire medische centra blijken contracten te hebben met internationale producenten van medische hulpmiddelen, variërend van implantaten als hartkleppen tot bekkenbodemmatjes.

Artsen nemen onder meer betaald zitting in adviesraden, geven scholing en training, houden lezingen op gesponsorde congressen en voeren onderzoek uit in opdracht van de producent. Dat blijkt uit onderzoek van Follow the Money.

In alle contracten zijn uitvindingen, ontdekkingen, onderzoeken, presentaties, rapporten of andere documenten met betrekking tot de diensten van de consultants geheim en het exclusieve eigendom van de producent van medische hulpmiddelen, aldus Follow the Money.

,,Dit is niet in het belang van de patiënten'’, zegt Tineke Wolfswinkel, advocaat bij Van Dolder, De Geest & Hoekstra Advocaten, die alle contracten heeft bestudeerd. ,,Het uitgangspunt van de wetenschap is het delen van kennis. De contracten houden dit proces in feite tegen.''







ARTIKEL: MINISTER: ZORGPROFESSIONALS MOETEN ME-PATIËNT SERIEUS NEMEN.
bron: Redactioneel/Zorg.nu/ANP.

Zorgprofessionals moeten patiënten met ME/CVS niet anders behandelen dan patiënten met een andere ziekte. Dat schrijft minister Bruins (Medische Zorg) in reactie op een eerder advies van de Gezondheidsraad. De drie patiëntenorganisaties voor ME-patiënten vinden de minister niet concreet genoeg.

In het in maart verschenen advies van de Gezondheidsraad staat dat de ziekte 'ernstig en chronisch' is. 'Het functioneren en de kwaliteit van leven van patiënten wordt substantieel beperkt.' Volgens het gezondheidsinstituut is meer wetenschappelijk onderzoek naar ME/CVS noodzakelijk om patiënten beter te kunnen helpen.

'Patiënt moeten niet aan de zijlijn komen te staan'

Daarnaast constateerde de Gezondheidsraad dat – ondanks de onduidelijkheid over diagnose en behandeling – patiënten niet aan de zijlijn moeten komen te staan. Minister Bruins schrijft nu in reactie op het advies dat hij zich goed kan voorstellen dat de onduidelijkheid heel vervelend is voor patiënten die goede zorg nodig hebben. Zij zouden begrip en empathie verdienen. Klachten moeten volgens de minister individueel worden behandeld. Daarnaast wil de minister een speciaal polikliniek openen.

Patiëntenorganisaties niet tevreden met reactie.

Steungroep ME en Arbeidsongeschiktheid, ME/CVS Stichting Nederland en ME/cvs Vereniging geven in een persbericht aan niet tevreden te zijn met de reactie van de minister. 'De zorg voor patiënten kan en moet hier en nu beter!' De Gezondheidsraad adviseerde in maart tot het opstarten van een aantal ME-poliklinieken bij universitaire medische centra. Dat de minister maar één kliniek wil oprichten stelt de organisaties teleur.

Daarnaast vinden de organisaties dat het UWV ME-patiënten niet serieus neemt en willen ze dat de minister daar ook actie op onderneemt.

In lijn met het advies van de Gezondheidsraad gaat Bruins opdracht geven om een onderzoeksagenda te ontwikkelen voor de ziekte.







ARTIKEL: OUD-BEWINDSMAN VAN RIJN: MINDER CONCURREREN IN ZORG.
bron: Redactioneel/NRC/ANP MediaWatch.

Er moet een eind komen aan de scherpe concurrentie in de zorg. Ziekenhuizen, en andere zorgaanbieders, moeten juist meer samenwerken. Mededingingsinstantie Autoriteit Consument en Markt (ACM) moet zich daarbij soepeler opstellen om dit mogelijk te maken.

Dat zegt Martin Van Rijn, oud-staatssecretaris van Volksgezondheid en sinds een jaar bestuurder van de Reinier Haga Groep in een interview met NRC. Onder de groep vallen drie ziekenhuizen in Zuid-Holland.

De uitspraken zijn opmerkelijk omdat Van Rijn als topambtenaar van het ministerie van Volksgezondheid in 2006 het huidige zorgstelsel ontwierp. Dat stelsel bevorderde juist concurrentie; ziekenhuizen moesten met elkaar in de slag om patiënten te trekken. Zorgverzekeraars zouden alleen de ‘beste’ en goedkoopste zorg vergoeden.

Van Rijn vindt nu dat de tijdgeest niet meer vraagt om scherpe concurrentie. „Samenwerking is de nieuwe concurrentie.” Hij ziet dat als belangrijke manier om te besparen op de zorgkosten (nu 76 miljard euro per jaar). Het verlagen daarvan is een van de belangrijkste doelen van het kabinet. Van Rijn staat er nog wel achter dat verzekeraars ziekenhuizen stimuleren de kosten te beteugelen.

Eén onbedoeld gevolg van het huidige stelsel is dat ziekenhuizen steeds meer zorg gingen leveren. In zijn ziekenhuizen ziet Van Rijn „onjuiste productieprikkels” die kostenverlagingen belemmeren. Van Rijns ziekenhuis krijgt minder geld als er minder wordt geopereerd. „Mijn reactie als ziekenhuisdirecteur zou moeten zijn: jongens, opereren! Want dan verdienen we geld. Maar dat wil ik natuurlijk niet. Dat is soms niet het beste voor de patiënt. En nog duur ook.”

Een weeffout wil Van Rijn het niet noemen. „Ik zie het als een nieuwe fase in de zorg.” Voor 2006 werden ziekenhuizen betaald op basis van verpleegdagen en ‘ligduur’ van patiënten. Dat systeem was achterhaald; patiënten hoeven na een ingreep veel minder lang in het ziekenhuis te blijven dan vroeger. Daarom werd de beloning op basis van het soort ingreep bedacht.

Ook dit systeem dreigt volgens Van Rijn nu ouderwets te worden, omdat ziekenhuizen steeds beter weten hoe operaties te voorkomen. Dat doen ze bijvoorbeeld door nauwer samen te werken met huisartsen en wijkverpleging, zodat ze eerder zien dat het niet goed gaat met patiënten. Een snelle diagnose kan een operatie voorkomen. Minder operaties maken de zorg sowieso goedkoper. Als ziekenhuizen onderling de zorg voor patiënten in hun regio verdelen, kan dat ook leiden tot lagere kosten, zegt Van Rijn. „We maken de zorg op die manier voor de samenleving goedkoper en prettiger voor de patiënt.”

Van Rijn zegt dat de ACM zich soepeler moet opstellen om betere afspraken tussen zorgaanbieders mogelijk te maken. „Het zou verstandig zijn als we meer zouden mogen overleggen. We willen daar meer ruimte voor.”







ARTIKEL: INTERNETCONSULTATIE VEREENVOUDIGING WAJONG.
bron: Redactioneel/Ieder(in).

Staatssecretaris Van Ark (SZW) presenteerde onlangs een wetsvoorstel om Wajong te vereenvoudigen en verbeteren. Op de voorgenomen wijziging van de wet kan gereageerd worden via een internetconsultatie. Ook Ieder(in) diende een reactie in. U downloadt deze onderaan de pagina.

De wetswijziging moet 2020 ingaan en bestaat grofweg uit vier maatregelen.

1. Er komt één regeling die drie regelingen harmoniseert: arbeidsongeschiktheidsuitkering in de Wajong, inkomensondersteuning in de werkregeling en de voortgezette werkregeling en Bremanregeling in de Wajong 2010.

2. De regels wat betreft terugvallen op de o-Wajong (aanvragen tot 2010) worden versoepeld en gelijkgetrokken in de o-Wajong en Wajong 2010. Het recht op Wajong vervalt niet als iemand een tijd zelfstandig het minimumloon verdient.

3. De verplichting om een passend werkaanbod te aanvaarden in de Wajong 2010 wordt gewijzigd. Weigering heeft geen invloed meer op inkomen maar kan leiden tot het stopzetten van ondersteuning bij re-integratie.

4. De studieregeling uit de Wajong 2010 en de uitsluiting van de Wajong 2015 bij het volgen van een studie, worden geschrapt. Het volgen van een studie leidt dan niet meer tot een verlaging of het kwijtraken van de Wajonguitkering.

Voor Wajongers die studeren of willen studeren, hebben de plannen een gunstig gevolg. Ook de harmonisatie is positief. Die vereenvoudiging is hoognodig, want de enorme hoeveelheid ingewikkelde regels is onoverzichtelijk in sommige gevallen onwerkbaar. Teleurstellend is dat de harmonisatie negatief kan uitpakken voor mensen die gebruikmaken van de voortgezette werkregeling.

Bovendien houdt de staatssecretaris vast aan het systeem van loondispensatie in de Wajong. Van het plan om deze regeling ook in de Participatiewet in te voeren, zag het kabinet terecht af na grote maatschappelijke weerstand hiertegen. Het zou daarom logisch zijn als de staatsecretaris een maatregel die zij voor de Participatiewet uiteindelijk ineffectief en onwenselijk vond, ook in de Wajong schrapt. Ook voor mensen met een Wajong-uitkering die werken naar vermogen, zou het wettelijk minimumloon de ondergrens moeten zijn.







ARTIKEL: NZA: VEEL MELDINGEN OVER CONTRACTERING.
bron: Redactioneel/NZa.

De Nederlandse Zorgautoriteit heeft de afgelopen tijd veel meldingen gekregen van zorgaanbieders over de contractering. Dat blijkt uit de rapportage ‘Aan de slag met meldingen’ over het 3e kwartaal van 2018. Het merendeel van deze meldingen ging over de contractering in de huisartsenzorg en de paramedische zorg (fysiotherapie, logopedie, diëtetiek en ergotherapie orthopedische zorg) en hulpmiddelen.

Uw melding december 2018

Contractering

Zorgverzekeraars kopen zorg in zodat hun verzekerden de zorg kunnen krijgen die ze nodig hebben. Daarvoor sluiten ze contracten. Zorgaanbieders kunnen zich bij ons melden als zij vermoeden dat zorgverzekeraars zich niet aan de contracteerregels van de NZa houden. Bijvoorbeeld wanneer een verzekeraar een te korte reactietijd heeft of tussentijds wijzigingen niet op tijd en op de juiste manier bekend maakt. Dit heeft geleid tot 2 toezichtsonderzoeken bij verschillende zorgverzekeraars. Daarnaast bleek bij een zorgverzekeraar de zorgzoeker niet compleet. Deze is op ons verzoek inmiddels aangepast.

Als het proces van contracteren goed verloopt hebben mensen eerder duidelijkheid over welke zorg door welke zorgverzekeraar gecontracteerd is. Dit is belangrijk om een goede keuze te kunnen maken voor een zorgverzekering.

We ontvangen ook veel meldingen over de inhoud van contracten, bijvoorbeeld over de hoogte van het tarief dat zorgverzekeraars willen betalen en verdere eisen die zij stellen. In totaal hebben wij vanaf april bijna 800 vragen en meldingen van paramedici gehad over de contractering. De NZa is geen partij in individuele onderhandelingen tussen zorgaanbieder en zorgverzekeraar. De NZa heeft naar aanleiding van de meldingen gesproken met vertegenwoordigers van zorgverzekeraars en paramedici over de knelpunten. Uit de meldingen komt naar voren dat de contractering erg stroef verloopt. De NZa heeft een analyse maakt van alle meldingen en stuurt iedere zorgverzekeraar dit jaar een overzicht van alle zaken die gemeld zijn over de betreffende verzekeraar bij de NZa. We willen dat zorgverzekeraars de meldingen serieus oppakken en de NZa informeren over de acties. Het is in het belang van alle partijen dat de contractering soepel verloopt.

Met geschillen over de inhoud van de contracten kunnen zorgaanbieders en zorgverzekeraars zich wenden tot de Geschillencommissie Zorgcontractering van het Nederlands Arbitrage Instituut (NAI). Fysiotherapeuten kunnen hiervoor ook terecht bij het Meldpunt contractering van het KNGF. Meldingen waar de NZa over gaat stuurt het KNGF aan ons door.

Niet verplicht.

Zorgaanbieders en zorgverzekeraars zijn niet verplicht om met elkaar te onderhandelen of een contract af te sluiten. Als het gaat om zorg in de basisverzekering (zoals chronische fysiotherapie en logopedie) moet de zorgverzekeraar er wel voor zorgen dat hij aan de zorgplicht voldoet. Hij zal dus genoeg contracten moeten afsluiten met zorgaanbieders om ervoor te zorgen dat zijn verzekerden gedurende het jaar de zorg kunnen krijgen die ze nodig hebben.







ARTIKEL: BEWAKING VAN KWALITEIT EN VEILIGHEID VAN MEDISCHE HULPMIDDELEN VOOR THUISGEBRUIK KAN BETER.
bron: Redactioneel/Nivel.

De aandacht voor het borgen van de kwaliteit en veiligheid van door gemeenten en zorgverzekeraars verstrekte medische hulpmiddelen die mensen thuis gebruiken, is voor verbetering vatbaar. Er zijn veel verschillende partijen betrokken bij de hulpmiddelenzorg. Daardoor is het onduidelijk wie verantwoordelijk is voor het borgen van de kwaliteit en veiligheid van de hulpmiddelen. Dit blijkt uit onderzoek van het Nivel en VUmc in opdracht van de Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ).

Gemeenten en zorgverzekeraars verstrekken de hulpmiddelen voor thuisgebruik en dragen verantwoordelijkheid voor de kwaliteit ervan. Denk bijvoorbeeld aan tilliften en rolstoelen. Onderzoeker Martine de Bruijne: ‘De IGJ ontvangt regelmatig klachten over medische hulpmiddelen bij mensen thuis. Dit vormde voor hen de aanleiding om nader onderzoek te laten doen. Uit dit onderzoek is naar voren gekomen dat de borging van de kwaliteit en de veiligheid bij het verstrekken van hulpmiddelen nog niet goed is geregeld.’

Het onderzoek.

Het onderzoek was gericht op de vraag in welke mate en op welke manier zorgverzekeraars en gemeenten zich bezighouden met de kwaliteitsborging en veilige toepassing van de medische hulpmiddelen die zij vergoeden of verstrekken. Rolstoelen en tilliften zijn daarbij als uitgangspunt genomen, als voorbeelden van hulpmiddelen waar relatief veel meldingen over binnengekomen bij de IGJ.

Er zijn interviews gehouden met vijftien gemeenten die steekproefsgewijs zijn benaderd, en met zes grote concerns van zorgverzekeraars die samen 97 procent van de markt dekken. Daarnaast is er gesproken met tien gebruikers van de medische hulpmiddelen, om inzicht te krijgen in de knelpunten en behoeften die in de praktijk worden ervaren.

Een veilig hulpmiddel is belangrijk.

Een hulpmiddel helpt mensen om ondanks een lichamelijke beperking toch te kunnen functioneren en participeren. Met een rolstoel kunnen mensen bijvoorbeeld toch reizen en met een hoortoestel kunnen zij toch horen. Veilig gebruik van het hulpmiddel is dan heel belangrijk. Gebruikers moeten erop kunnen rekenen dat het hulpmiddel goed werkt, goed wordt onderhouden en veilig is in het gebruik. Dit blijkt niet vanzelfsprekend.

Complexe keten in hulpmiddelenzorg zorgt voor onduidelijkheid verantwoordelijkheden.

Voor gebruikers is het vaak niet duidelijk waar ze terecht kunnen als er iets mis is met hun hulpmiddel. Gemeenten en zorgverzekeraars zijn verantwoordelijk voor de inkoop en financiering van de hulpmiddelen. Maar zij blijken geen of beperkt inzicht te hebben in de risico’s die kunnen optreden met die hulpmiddelen en missen daardoor urgentiebesef. Er blijkt sprake te zijn van een complexe keten, waarbij verantwoordelijkheden en kwaliteitsnormen onvoldoende duidelijk zijn. De borging van de kwaliteit en de veiligheid van hulpmiddelen is daardoor niet goed geregeld.

Aanbeveling: meer inzicht in risico’s gebruik van hulpmiddelen krijgen.

De onderzoekers constateren dat meer inzicht nodig is in de aard en omvang van de risico’s van het gebruik van hulpmiddelen. Zorgverzekeraars en gemeenten zouden in gezamenlijkheid nadere kwaliteitskaders kunnen ontwikkelen. In ieder geval worden gebruikers (te) weinig betrokken in het proces van hulpmiddelenzorg. De IGJ zou een adviserende rol kunnen spelen in het opzetten van betere kwaliteitsborging.







ARTIKEL: IMPULS VOOR SAMENWERKEN AAN GEZONDHEID IN DE WIJK.
bron: Redactioneel/RIVM.

Gemakkelijker en efficiënter samen werken aan preventie in de buurt - dat kan nu met de nieuwe kennis en tools van het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG Nederlands Huisartsen Genootschap ) en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu ).

Professionals uit de publieke gezondheid en de huisartsenpraktijk hebben de afgelopen periode gewerkt aan het verbeteren van wijkgerichte samenwerking gericht op preventie. In het e-magazine ‘Samenwerken aan gezondheid in de wijk loont’ presenteren NHG en RIVM de belangrijkste opbrengsten waaronder een toolkit en een e-learningmodule. Hiermee geven zij een impuls aan samenwerking en leefstijladvisering op wijk-, buurt- of dorpsniveau.

Om gezondheid van inwoners te bevorderen is samenwerken tussen professionals in de wijk, buurt of dorp nodig. Huisartsen zien steeds meer patiënten met gezondheidsproblemen zoals ongezonde leefstijl, stress en eenzaamheid waarvoor de oplossing in het sociaal domein of leefstijladvisering te vinden is. Daarom is het belangrijk dat huisartsen, professionals uit het zorgdomein en sociaal domein, gemeenten en GGD Gemeentelijke Gezondheidsdienst ’en samen met inwoners werken aan gezondheid. Zo leren ze elkaar kennen, wordt doorverwijzen naar elkaars aanbod makkelijker en creëren ze kansen voor succesvolle wijkgerichte preventie.

Opbrengsten lokale werksessies.

In 2017-2018 faciliteerden NHG en RIVM, met steun van het ministerie van VWS Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Milieu , vanuit het project Preventie in de Buurt twintig lokale werksessies. Ruim 400 professionals gingen in de werksessies het gesprek met elkaar aan en leerden elkaar kennen. Dit maakte het makkelijker gezamenlijk prioriteiten te benoemen. De werksessies hebben onder andere geleid tot meer inzicht in de gezondheidssituatie in de wijken, driekwart van de deelnemers is nieuwe samenwerkingsrelaties aangegaan en in diverse wijken zijn acties daadwerkelijk geborgd in bestaande plannen en overlegstructuren. Voor huisartsen geldt dat zij na de werksessies eerder kijken naar niet-medische oplossingen.

Kennis en materialen.

De lessen uit de werksessies zijn vanaf nu beschikbaar via het e-magazine ‘Samenwerken aan gezondheid in de wijk loont’. Het magazine biedt ook toegang tot praktische tools, nascholing en inspirerende voorbeelden. Zo is er voor huisartsen een praktijkhandleiding en een e-learningmodule ‘Samenwerken aan gezondheid in de wijk’ beschikbaar. Zelf een samenwerkingsbijeenkomst organiseren kan nu met de toolkit ‘Lokale werksessie’. Geïnteresseerden kunnen bij het NHG ook begeleiding van een NHG-coach voor een geaccrediteerde werksessie inkopen.

Het NHG en het RIVM zetten zich samen in voor structurele borging van de opgedane kennis in de opleidingen van huisartsen, praktijkondersteuners en professionals publieke gezondheidszorg.







ARTIKEL: AFSPRAKEN RONDOM HANDTEKENING ONDER ZORGPLAN: MINDER HANDTEKENINGEN.
bron: Redactioneel/ActiZ.

ActiZ, V&VN, VWS, Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en ZorgthuisNL hebben onlangs afspraken gemaakt over de handtekening onder het zorgplan voor de wijkverpleging (Zvw).

Daarnaast hebben ActiZ, VGN en ZN ook afspraken gemaakt voor de Wlz in het Voorschrift Zorgtoewijzing 2019. U leest hier verder over de gemaakte afspraken.

Wijkverpleging (Zvw).

Wijkverpleegkundigen hoeven niet langer bij elke wijziging in het zorgplan een nieuwe handtekening aan de cliënt te vragen. Deze regeling geldt met terugwerkende kracht vanaf 1 oktober 2018. De handtekening is nog wel vereist onder de eerste versie van het zorgplan. Met deze handtekening geeft de cliënt aan dat er afstemming is geweest met de zorgverlener over de te leveren zorg én dat hierover wederzijdse instemming is.

Voorheen moest de wijkverpleegkundige bij iedere kleine wijziging van het zorgplan naar de cliënt om een nieuwe handtekening te vragen. Dit kostte de nodige ritten tussen kantoor en de cliënt. Tijd die de wijkverpleegkundige nu beter kan besteden. Aan datgene waar het echt om gaat: de zorg.

Geen verplichte handtekening bij elke wijziging.

Het schrappen van die vele handtekeningen is een mooie stap om de zorg te ontregelen. In het kader van (Ont)Regel De Zorg is de verplichting dat iedere wijziging een handtekening vereist, geschrapt. ActiZ, ZorgthuisNL, LOC Zeggenschap in zorg, Consumentenbond en Patiëntenfederatie Nederland hebben de tweezijdige Algemene Voorwaarden, die per 1 oktober 2018 gelden, hierop aangepast. Sommige zorgverzekeraars hebben de eis voor een handtekening bij een wijziging van het zorgplan nog wel in hun contractvoorwaarden staan. Deze contractvoorwaarden waren al eerder opgesteld dan deze nieuwe afspraak. Maar ook zorgverzekeraars vereisen per 1 oktober 2018 geen handtekening meer bij elke wijziging.

Wederzijdse overeenstemming over wijzigingen.

Als er grote wijzigingen over de aard en/of doelen van de zorg worden doorgevoerd in het zorgplan, dan moet de wijkverpleegkundige duidelijk in het zorgdossier (bijvoorbeeld in de voortgangsrapportage) aangeven dat deze wijziging met de cliënt besproken is. Ook is het van belang om aan te geven of de cliënt instemt met deze wijziging en de zorg wordt geleverd of dat de cliënt niet instemt en de zorg niet wordt geleverd. Alleen op deze manier kan wederzijdse overeenstemming worden aangetoond.

Alternatieven voor de handtekening.

Partijen gaan daarnaast op zoek naar alternatieven voor de eerste handtekening onder het zorgplan, zodat de administratieve last nog verder vermindert. Tot die tijd blijft de eerste handtekening nog wel nodig, tenzij aanbieders en zorgverzekeraars daar met elkaar specifieke afspraken over hebben gemaakt.

Aanpassing Voorschrift Zorgtoewijzing 2019.

Zorgverzekeraars Nederland (ZN) hebben laten weten dat voor de Wlz de zorgkantoren niet langer een ondertekend zorgplan eisen. In plaats van een handtekening eisen zorgkantoren dat de zorgaanbieder aantoonbaar moet kunnen laten zien dat het zorgplan met de cliënt is besproken bij de aanvang van de zorg en bij de evaluatie van het zorgplan. Aantoonbaarheid kan blijken door ondertekening van het zorgplan door de cliënt (handtekening) of door het plaatsen van een aantekening in het digitale of schriftelijke zorgplan door de zorgaanbieder. Deze werkwijze geldt voor intramuraal, zorg thuis (VPT, MPT), en Meerzorg. Reden hiervoor is dat zorgkantoren belang hechten aan de inspraak van de cliënt in het zorgplan. Het Voorschrift Zorgtoewijzing 2019 is daarop aangepast.







ARTIKEL: GROEIEND AANBOD VOOR DISABLED GOLFERS.
bron: Redactioneel/Golf.nl.

De golfsport is een van de weinige sporten waaraan mensen met een (zware) fysieke en/of verstandelijke beperking kunnen deelnemen.

Steeds vaker wordt de golfsport gevonden door mensen met een fysieke en/of verstandelijke beperking. Golfen zorgt voor veel van deze mensen voor een aanzienlijke verbetering van hun fysieke en mentale gezondheidstoestand ervaren.

Gespecialiseerde golfleraren.

De PGA Holland heeft de laatste jaren meer dan 50 PGA-professionals opgeleid om les te geven aan mensen met fysieke beperkingen. Wil je weten wie het zijn? Mail Jim van Heuven, directeur opleidingen van de PGA Holland.

Golf als revalidatiesport.

De laatste jaren hebben de NGF en de PGA Holland een samenwerking opgezet met meer dan 20 revalidatiecentra. Op deze centra werken bewegingsagogen die speciaal zijn opgeleid en over materiaal beschikken om golf in revalidatietherapie aan te kunnen bieden. Voor informatie over deze centra, mail Ramon van Wingerden.

Golf voor mensen met een verstandelijke beperking.

De NGF werkt, als het gaat om mensen met een verstandelijke beperking die willen golfen, nauw samen met Special Olympics Nederland. In 2016 heeft een golfteam voor het eerst meegedaan aan de Nationale Special Olympics. Met name golfprofessional Cora van Rongen is actief op het gebied van lesgeven aan mensen met een verstandelijke beperking. Meer informatie? Stuur Myrte Eikenaar een e-mail.

Stichting Handicart.

In Nederland zijn meer dan 20.000 mensen geregistreerd bij de Stichting Handicart. Deze pashouders kunnen tegen een kleine vergoeding gebruik maken van de meer dan 600 handicarts die verspreid over meer dan 200 golfclubs aanwezig zijn. Meer informatie over de Stichting Handicart.

Lid worden van de European Disabled Golf Association (EDGA)

Sinds 2014 is de NGF lid van de EDGA. Hierdoor komen Nederlandse golfers met een fysieke beperking ook in aanmerking voor een EDGA-pas. Deze pas geeft recht op deelname (mits aan de aanvullende wedstrijdvoorwaarden wordt voldaan) aan de wedstrijden die vermeldt staan op de EDGA-kalender. Indien je hulp nodig hebt bij het aanvragen van een EDGA-pas, mail dan met Hans Arendzen.

Golf voor kinderen met niet zichtbare beperkingen.

In 2015 is de NGF samen met Together4Adventure op Golfclub De Hoge Kleij een pilot gestart om kinderen met een niet zichtbare beperking zoals ADHD, autisme, ADD, bekend te maken met de golfsport. Op de Gooise Golfclub en G&CC Liemeer zijn soortgelijke pilots gestart. De deelnemende kinderen én hun ouders zijn razend enthousiast over golf en het effect dat de sport heeft op hun zelfvertrouwen en groepsgevoel.







ARTIKEL: NIEUWE VERSIE LEIDRAAD MELDINGEN JEUGD.
bron: Redactioneel/IGJ.

Op 12 december 2018 is een nieuwe versie van de Leidraad Meldingen Jeugd gepubliceerd. Deze Leidraad vervangt de Leidraad Meldingen Jeugd van oktober 2015 en vloeit voort uit de fusie van de Inspectie voor de Gezondheidszorg en de Inspectie Jeugdzorg per 1 oktober 2017.

De Leidraad Meldingen Jeugd is de basis voor de behandeling van verplichte- en andere meldingen binnen de jeugdhulp door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Veiligheid en Justitie. De Leidraad is vooral bedoeld voor organisaties en solistisch werkende jeugdhulpverleners die calamiteiten en geweld moeten melden op grond van de wet.

Bij deze herziening zijn ook verduidelijkingen en enkele aanpassingen aangebracht. Een belangrijke aanpassing is de toevoeging van een termijn van 6 weken voor de instelling of jeugdhulpaanbieder die moet onderzoeken of er wel sprake is van een verplichte melding. Met deze wijziging wordt de werkwijze op dit punt gelijkgetrokken met de werkwijze bij verplichte meldingen op grond van de Wet kwaliteit klachten en geschillen zorg (Wkkgz).

De inspecties verwachten dat deze Leidraad duidelijkheid en houvast biedt over de procedure en werkwijze van het toezicht naar aanleiding van (verplichte en andere) meldingen. Waar nodig zijn de artikelen in de Leidraad voorzien van een toelichting.







ARTIKEL: NZA CREËERT RUIMTE VOOR ZORGVERNIEUWING EN BELONEN VAN RESULTATEN IN EERSTELIJNSVERBLIJF.
bron: Redactioneel/NZa.

Vanaf 2019 bieden de regels voor het declareren van zorg in een instelling voor eerstelijnsverblijf meer ruimte. Zorgaanbieders en zorgverzekeraars kunnen zo afspraken maken over zorgvernieuwing en het belonen van specifieke resultaten.

Op dit moment kunnen aanbieders van eerstelijnsverblijf afspraken maken met zorgverzekeraars over laag complexe zorg, hoog complexe zorg of palliatief terminale zorg.

Door het toevoegen van de prestatie ‘resultaatbeloning en zorgvernieuwing’, ontstaat er meer ruimte voor specifieke maatwerkafspraken in de regio. Zorgaanbieders en zorgverzekeraars kunnen bijvoorbeeld afspraken maken over de triage, de behandeling van specifieke patiënten, extra inzet van behandelingen of het belonen van betere resultaten van de zorg.







ARTIKEL: McDONALD'S NEEMT MAATREGELEN TEGEN ANTIBIOTICA IN BURGERS.
bron: Redactioneel/NOS/ANP.

McDonald's werkt aan een plan om het gebruik van antibiotica in zijn eigen rundvleesketen te verminderen. In 2022 moeten de gevolgen van de maatregelen zichtbaar zijn.

McDonald's is een van 's werelds grootste rundvleeskopers. Het fastfoodbedrijf stelt dat het daarmee een verantwoordelijkheid heeft om overmatig gebruik van antibiotica aan te pakken. Door dat gebruik kunnen bacteriën resistent worden en dat kan de effectiviteit van het geneesmiddel bij mensen verminderen.

Nog deze maand begint in de tien grootste afzetmarkten van de fastfoodketen een proef. Die tien markten, waaronder de Verenigde Staten, Brazilië, Polen, Duitsland en Ierland, zijn samen goed voor de consumptie van ruim 85 procent van al het rundvlees dat bij McDonald's wordt geserveerd. Nederland hoort niet bij de tien grootste markten, maar het vlees voor de Nederlandse markt komt wel uit die landen. Het Nederlandse vlees dat wordt gebruikt, valt al onder strengere Nederlandse regels (zie kader).

Voor elk van die tien markten wordt vastgelegd welke voor de mens zeer belangrijke antibiotica bij rundvee worden gebruikt. Op basis daarvan wordt bepaald wat er moet gebeuren om die hoeveelheid terug te brengen. Daarbij wordt volgens de keten tegelijkertijd gekeken naar de effecten daarvan op de gezondheid van de dieren.

Strenge eisen.

Het gebruik van antibiotica bij dieren kan niet helemaal worden uitgesloten, maar moet wel voldoen aan strenge Europese regels, zegt Hetty Schreurs, directeur van de Autoriteit Diergeneesmiddelen (SDa). "Het streven is nul als het gaat om toedienen van voor de mens zeer belangrijke antibiotica met een verhoogd risico op resistentievorming. Maar als een koe een hardnekkige infectie heeft die alleen met deze middelen te bestrijden is, dan gebeurt het wel. Een koe laten doodgaan levert economisch niets op."

Ook landen buiten Europa kennen strenge regelgeving. "Maar het werkt eigenlijk andersom", zegt Schreurs. "McDonald's wil dit nu, dus gaat het erom wie van de leveranciers aan deze eisen kan voldoen. Er zijn altijd bedrijven die dat kunnen omdat ze heel weinig infecties hebben. Of ze sluiten runderen die eerder wel met antibiotica zijn behandeld uit voor verkoop aan de fastfoodketen."

"Het is een marktmechanisme", zegt Schreurs. "Dat kan op zich werken, als je je maar bewust bent van wat je met je dieren doet. We kunnen het niet controleren, maar het zou kunnen gebeuren dat zieke dieren niet worden behandeld, omdat veehouders eerst willen kijken of iets vanzelf overgaat. Dat kan goed uitpakken, maar wacht je te lang, dan gaat het weer ten koste van het dierenwelzijn."

Positief teken.

Jaap Wagenaar is hoogleraar diergeneeskunde aan de Universiteit Utrecht. Hij noemt het initiatief van de fastfoodketen "een positief teken". "Het geeft ook de kracht van de retailer aan. Een machtige organisatie die iets wil en die kan zeggen: je doet het maar, anders ga ik naar een ander. Dat geeft mooi weer waar de kracht zit, wie eigenlijk uitmaakt wat we doen."

De haalbaarheid van het terugdringen van antibiotica-gebruik zal per land verschillen, denkt Wagenaar. "In de Verenigde Staten heb je het feed lot-systeem, waar runderen vanuit verschillende bedrijven op een bepaalde leeftijd naartoe gaan. Dat systeem ligt onder vuur, omdat het geen heel gezonde manier is om veel dieren te houden."

Leverabcessen.

"In Amerika mag het officieel niet, maar worden nog steeds groeibevorderaars gebruikt. Ook wordt er preventief heel veel antibiotica gegeven. Met name in dat feed lot-systeem. De koeien krijgen daar bijvoorbeeld vaak leverabcessen. Hebben ze die nog niet, dan krijgen ze toch alvast antibiotica", zegt Wagenaar. "In Nederland mag dat niet meer en via een verordening zullen de andere Europese landen dit beleid gaan volgen."

"De verwachting is wel dat McDonald's een reductie in gebruik gaat waarmaken", denkt Wagenaar. "Dat bedrijf heeft natuurlijk de haalbaarheid onderzocht en gaat niet iets beloven als het niet kan worden waargemaakt. Positief is dat op z'n minst een deel van de veehouders minder antibiotica gaat gebruiken. In hoeverre dit voor een heel land gaat gelden, zal de toekomst leren."

Het gebruik van antibiotica in de Nederlandse vleessector is aan strenge regels gebonden, blijkt uit gegevens van het RIVM. Zo mogen antibiotica alleen worden voorgeschreven door een dierenarts en het gebruik ervan moet door de veehouders worden geregistreerd. De NVWA controleert die registraties en het gebruik van de antibiotica steekproefsgewijs.

Antibiotica die als laatste redmiddel voor mensen worden gebruikt, mogen niet of alleen onder strikte voorwaarden worden gebruikt bij dieren. Dieren met resten van antibiotica in hun vlees, mogen niet worden aangeboden voor de slacht. Vaak duurt het een paar weken voor alle sporen antibiotica uit een dier zijn verdwenen. Daarna kan het alsnog naar de slacht.







ARTIKEL: KLEDINGWINKEL MAG GEEN LACHGASBALLON GEVEN BIJ AANKOOP.
bron: Redactioneel/Zorg.nu/ANP.

Een kledingmerk dat in Amsterdam gratis lachgasballonnen aanbood bij elk gekocht kledingstuk, heeft die praktijk moeten staken. De verhuurder van het pand wist er niets van en was het er ook niet mee eens. Hij heeft het kledingmerk gevraagd er direct mee te stoppen, laat de woordvoerster van wethouder Udo Kock (economische zaken) weten.

De kledingwinkel maakte reclame met de 'Space Experience, 's werelds eerste lachgas lounge' waar na aankoop van een kledingstuk een lachgasballon kon worden geconsumeerd in een ruimteschipachtige ruimte. 'Met het ballonnetje ben je even helemaal van de wereld, wat perfect past bij het concept', zei de oprichter van het merk.

'Gebruiker is eigen proefkonijn'

De wethouder zegt dat 'de gemeente een winkel gericht op lachgasconsumptie niet wenselijk vindt' en zegt blij te zijn met de snelle actie van de verhuurder. De lachgas-actie zou tot en met 27 december duren.

Volgens Laura Nijkamp van het Trimbos-Instituut lijkt incidenteel gebruik van het onder jongeren steeds populairdere lachgas niet per se schadelijk. Maar er is nog weinig bekend over het spul. 'De gebruiker is zijn eigen proefkonijn', vertelt ze in gesprek met Zorg.nu.

Meer weten over lachgas?

Wat is het precies, hoe gevaarlijk is het en moet je je als ouder zorgen maken als je kind 'weleens een ballonnetje doet'?

Lees het artikel van Zorg.nu over lachgas







ARTIKEL: VPRO PRESENTEERT STUK: EEN NOODLOTSVERTELLING.
bron: Persbericht/VPRO.

Stuk is een vierdelige docuroman waarin een aantal mensen wordt gevolgd tijdens de periode die ze doorbrengen in een revalidatiecentrum. De serie legt bloot wat er gebeurt als het noodlot ineens toeslaat. Een verkeersongeval, een ongelukkige val van de trap of een hersenbloeding; het voltrekt zich binnen één seconde, maar het leven lijkt daarna in weinig meer op hoe het was. Ineens is dat lichaam stuk, als was het een apparaat.

In Stuk zien we hoe enkele patiënten werken aan het vormgeven van hun nieuwe leven. Wat blijft er van je over nu je oude leven in een klap voorbij lijkt? De serie, waarin ook enkele behandelaars worden gevolgd, vertelt hun verhaal als een roman: Stuk is non-fictie verteld als een kwalitatief hoogwaardige dramaserie.

Onder een vergrootglas.

Door het dagelijks leven van de patiënten (en hun verzorgers) onder een vergrootglas te leggen, verwordt het revalidatiecentrum van een doorsnee zorginstelling tot een miniatuurwereld waar mensen op de grenzen stuiten van hun bestaan. In Stuk is het revalidatiecentrum een biotoop waar alle dromen, verlangens en plannen doorlopend moeten worden bespiegeld en bijgesteld. In de periode die hier wordt doorgebracht, ver weg van de dagelijkse besognes, wordt iedereen gedwongen om zich niet alleen intensief bezig te houden met het lichamelijk herstel, maar ook met de grote vraag wat we willen met de rest van ons leven als bijna niks meer is wat het was.

Deel één:

23 januari, 20.25 uur, NPO 2

In het eerste deel maken we onder meer kennis met Paul, een van oorsprong Amerikaanse man met drie tienerkinderen en een Nederlandse vrouw. Hij viel 's nachts van de trap en brak zijn nek. Van een leven dat bol stond van sport, muziek, vrienden en cafés is hij nu tot een bestaan veroordeeld dat bestaat uit stilzitten, wachten, verzorgd worden, therapie volgen en weer wachten. Ook leren we de optimistische revalidatiearts Willemijn kennen, die een vol leven leidt waarin ze alle spreekwoordelijke ballen (werk, gezin, verbouwing) met schijnbaar gemak in de lucht houdt. En dan is er wondverpleegkundige Monique, bij wie perfectionisme en empathisch vermogen om voorrang strijden. Een zeer gemotiveerde en harde werkster. Ze blijkt ook in haar privéleven volop met tegenslag te maken te hebben.

Deel twee:

30 januari, 20.25 uur, NPO 2

Scholier Daan is met zijn zestien jaar een opvallende verschijning op de afdeling. Door zijn spierziekte moest hij al vroeg in zijn leven omgaan met tegenslag, maar nu is hij als gevolg van een medische complicatie ook nog eens opgezadeld met een dwarslaesie. Hoewel de kans aanzienlijk is dat hij nooit meer zal kunnen lopen, houdt de optimistische Daan hoop en geeft hij zijn acteursdroom niet op. Monique realiseert zich hoe wrang het eigenlijk is dat ze haar revalidanten vaak beter kan helpen dan haar zoon. Paul, die kampt met de strijd tegen de verveling, ziet zijn kansen op herstel verder slinken en maakt zich bovendien toenemende zorgen over zijn vrouw Suzanne, die een chemokuur volgt.

Deel drie:

6 februari, 20.25 uur, NPO 2

Een noodlottig verkeersongeluk heeft Maaike in het revalidatiecentrum gebracht. Ze is moeder van twee jonge zoontjes en moet opnieuw leren lopen en haar arm gebruiken. De jeugdige paraglide-instructeur Basir viel tijdens een vlucht en brak zijn rug. Aan het ongeval heeft hij veel medische problemen overgehouden. Na deze traumatische gebeurtenis heeft hij sterk het gevoel dat hij volledig opnieuw moet beginnen en zin moet geven aan zijn bestaan. In de toekomst is geen plaats meer zijn grote hartstocht paragliding. Daan probeert intussen het contact met de buitenwereld verder te verstevigen, onder meer door met zijn vrienden van de toneelclub als vanouds een voorstelling te geven. Terwijl zijn hoofd vol zit met dat evenement, moet Willemijn een lastig gesprek met hem voeren.

Deel vier:

13 februari, 20.25 uur, NPO 2

Veertiger Niels heeft een zware hersenbloeding gehad, waarna hij buiten bewustzijn raakte en een deel van zijn schedel verwijderd moest worden. Voor zijn omgeving lijkt het er soms op dat zijn karaktereigenschappen veranderd zijn, of uitvergroot. Hoewel het een onmogelijke opgave lijkt, krijgt Daan krijgt het voor elkaar het weekendje kamperen met zijn vrienden door te laten gaan. Toch realiseert hij zich dat er iets veranderd is. Monique maakt zich toenemende zorgen over haar zoon en zoekt naar nieuwe manieren om hem te helpen. Voor Daan, Paul en Basir komt het moment waarop ze het revalidatiecentrum moeten verlaten steeds dichterbij.

Stijlmiddelen uit fictie.

Hoewel het gaat om een documentaireserie, liet regisseur Jurjen Blick (eerder regisseur van De Hokjesman) zich voor Stuk vooral inspireren door speelfilms, dramaseries en romans: ‘Ik hou ervan om de manier van vertellen die je kent uit speelfilms en dramaseries los te laten op echte verhalen en echte mensen. Dat is ingewikkeld, omdat je als maker natuurlijk afhankelijk bent van wat er in de werkelijkheid gebeurt en je nooit precies kunt voorspellen welke ontwikkeling je personage door zal maken. Maar het blijkt heel goed mogelijk om de grenzen flink op te rekken door veel stijlmiddelen uit de fictie te gebruiken in de vertelling en tegelijkertijd volkomen trouw te zijn aan de werkelijkheid.’

Regie, teksten en montage: Jurjen Blick

Research en interviews: Soraya Pol

Productie: Nicoline Tania

Eindredactie: Maarten Slagboom

De leader van de serie is gemaakt door Erwin Olaf.

Meer informatie: vpro.nl/stuk







ARTIKEL: WONDERDOKTER VERKRACHTTE NEDERLANDSE CHOREOGRAFE.
bron: Redactioneel/De Telegraaf/ANP.

De Braziliaanse politie is een onderzoek begonnen naar een beroemde wonderdokter wegens seksueel misbruik. In minder dan een week tijd hebben 258 vrouwen de wonderdoener beschuldigd. Onder hen de Nederlandse choreografe Zahira Lineke Mous.

João Teixeira de Faria werd internationaal bekend toen Oprah Winfrey in 2013 in een van haar televisieprogramma’s aandacht aan hem besteedde. De 76-jarige Braziliaan, die zichzelf ’Jan van God’ noemt, zou met alleen zijn handen en zonder verdoving levensreddende operaties uitvoeren. In het stadje Abidiânia, niet ver van hoofdstad Brasilia, leidt hij een „spiritueel hospitaal.”

Elk jaar staan er honderdduizenden mensen bij hem op de stoep voor een healing. Veel celebrities lopen de deur plat bij ’Jan’. De eerste behandeling is gratis, maar João schrijft daarna altijd medicijnen voor. Uiteraard gaat de kassa dan rinkelen voor de Braziliaan.

De Nederlandse choreografe Zahira Lineke Mous zei vorige week op een Braziliaanse zender dat de Braziliaanse god haar gedwongen had te masturberen. Later werd ze zelfs door hem verkracht. Mous was naar hem toegegaan voor de verwerking van een ’seksueel trauma’.

Sinds de Nederlandse op tv verscheen, kwamen er tweehonderd klachten uit de hele wereld over de genezer.

Justitie in Brazilië onderzocht al eerder klachten tegen João Teixeira de Faria maar kon de zaak toen niet hardmaken.







ARTIKEL: EEN TESTAMENT KAN VEEL NARIGHEID VOORKOMEN, MAAR LANG NIET IEDEREEN HEEFT ER EEN.
bron: Redactioneel/OmroepMAX/MAXvandaag.

Een testament is een belangrijk document, maar lang niet iedereen heeft er 1. Het MAX-programma Hallo Nederland is benieuwd of de leden van het MAX Opiniepanel een testament hebben laten opmaken bij de notaris.

Uit dit onderzoek blijkt dat ruim 40 procent geen testament heeft.

Testament voorkomt problemen.

Als er iemand overlijdt, moet er in kort tijd heel veel geregeld worden. De naasten moeten worden ingelicht, de begrafenis of crematie moet worden geregeld en de rouwkaarten geschreven. Een volgende stap is vaak het uitzoeken van de spullen. Voor sommige mensen kan dit door bijvoorbeeld familieruzie een netelige kwestie zijn. Als zowel broer A als broer B menen dat zij recht hebben op die mooie klok van hun overleden moeder, dan kan dit een serieus probleem worden. Soms kan het zelfs zo uit de hand lopen dat een rechter moet beslissen wie uiteindelijk de klok krijgt. Een testament kan de kans op dit soort situaties zoveel mogelijk beperken. In zo’n document kan onder meer worden aangegeven wie welke spullen krijgt na het overlijden en kan worden aangegeven hoe de financiële erfenis moet worden geregeld.

40 procent heeft geen testament.

Hartstikke handig, maar voor veel mensen nog steeds niet genoeg reden om een testament te laten afsluiten bij de notaris. Uit het onderzoek van Hallo Nederland blijkt dat ruim 60 procent van de 2000 leden van het MAX Opiniepanel een testament heeft, wat betekent dat er ook nog steeds heel veel mensen zijn die hun erfenis niet hebben laten vastleggen.

Verouderd testament.

Heeft u een testament? Dan is het verstandig om deze van tijd tot tijd door te lopen, want het is belangrijk dat deze aansluit bij de huidige situatie. Ruim 77 procent van de leden van het MAX Opiniepanel zeggen dat hun testament op orde hebben. Wie een verouderd testament heeft, loopt de kans dat alsnog problemen ontstaan na het overlijden.

MAX Ombudsman.

Bij de MAX ombudsman komen regelmatig vragen binnen over erfenissen en testamenten. In een video van het MAX-programma Meldpunt legt MAX Ombudsman Jeanine Janssen onder meer uit waarom het zo handig is om een testament te laten opmaken bij de notaris.







ARTIKEL: FEIT OF FABEL: DIT MOET JE WETEN OVER JE DARMEN.
bron: Redactioneel/NU.nl.

Over wat wel en niet goed is voor je darmen, doen veel verhalen de ronde. Maar wat is nu echt slecht voor je stoelgang?

NU.nl sprak met Nienke Tode-Gottenbos, darmflora-therapeut en schrijfster van de boeken De Poepdokter - Gezond van mond tot kont en De Poepdokter-Bakt ze bruin. We legden de schrijfster een aantal stellingen voor over de stoelgang.

1. "Yoghurtjes die speciaal voor je darmen gemaakt zijn, zijn goed voor je": fabel

Tode-Gottenbos: "Ik ben er geen voorstander van. Je hebt twee soorten 'darmtoetjes' en het ene toetje zit vol met suiker, daar worden je darmen niet zo blij van. Ook zit er in dat toetje maar één bacteriesoort, dat is niet zo heel veel. Normaal heb je, in probiotica die goed is voor je darmen, zo'n tien à vijftien bacteriesoorten zitten en geen suiker of andere onnodige toevoegingen."

"Het andere toetje zit vol met vezels. Op zich zijn vezels goed voor je darmen, maar deze toetjes zitten vaak vol met tarwe. En we krijgen al heel veel tarwe binnen, door al het brood dat we eten. Groente, fruit en water zijn veel interessanter voor je darmen. Dan krijg je veel meer vezels, mineralen en vitaminen binnen dan zo’n toetje."

2. "Vet is slecht voor je darmen": fabel

"Verzadigde vetten hebben het imago dat ze slecht voor je zijn, omdat je die vetten voornamelijk zou vinden fastfood. Maar verzadigde vetten zitten ook in roomboter en kokosolie en die producten zijn hartstikke goed voor je. Qua onverzadigde vetten zijn olijf- en visolie top voor je darmen. De vetten die niet goed zijn, zitten voornamelijk in margarine en voedingswaren zoals chips, patat en pizza."

3. "Donker brood is beter voor je dan licht brood": feit en fabel

"In volkoren brood zitten wel meer vezels dan licht brood – en dat is goed voor je – maar donkerder brood is vaak bijgekleurd en dat is juist niet zo goed voor je darmen. In Nederland eten we al heel veel brood, dus het lijkt me sowieso verstandiger om wat vaker een groentelunch te nemen dan weer een boterham met kaas."

4. "Ontbijtkoek werkt laxerend en banaan verstoppend": feit en fabel

"Ontbijtkoek kan voor een goede stoelgang zorgen doordat er rogge in zit – en dus veel vezels -, maar hier kan ook veel suiker in zitten. Bij ontbijtkoek, maar ook bij banaan, verschilt het echt per persoon of het product laxerend of verstoppend werkt. Ook de rijpheid van een banaan is belangrijk, maar ook daar zit verschil in. Bij de één werkt een groene banaan verstoppend en bij de ander juist meer laxerend."

“Een paar scheten per dag laten is goed, maar heel veel scheten laten duidt op een probleem met de vertering.”

Nienke Tode-Gottenbos.

5. "Koffie zorgt voor maagklachten": feit en fabel

"Koffie is een typisch laxeermiddel, maar ook bij dit product verschilt het per persoon hoe je erop reageert. In koffie zit cafeïne en die zorgt ervoor dat je wat meer adrenaline aanmaakt. Adrenaline-stoten kunnen inderdaad maagklachten geven en op die manier kun je maagklachten krijgen door koffie. Vooral als je veel koffie drinkt - meer dan drie koppen per dag - én spijsverteringsklachten hebt, is het een idee om te minderen of stoppen met de koffie."

6. "Veel windjes laten is het bewijs dat je een goede stoelgang hebt": fabel

"Een paar scheten per dag laten is goed, maar heel veel scheten laten duidt op een probleem met de vertering. Geen scheten laten is geen probleem, mits je er geen last van hebt."

7. "Diarreeremmers zijn goed om in te nemen tegen diarree": fabel

"Als je dunne poep hebt, betekent dat er iets uit je lichaam moet. Die noodzaak moet je dan ook niet onderdrukken met een pilletje. Heb je regelmatig last van diarree, dan is het beter om naar de oorzaak te zoeken met een dokter."

8. "Gehurkt poepen is het beste voor je": feit

"Om het laatste deel van je dikke darm zit een soort band, die ervoor zorgt dat je je ontlasting niet zomaar laat lopen. Die band ontspant optimaal als je gehurkt gaat zitten, waardoor poepen je ook makkelijker afgaat. Als je 'gewoon' op de wc gaat zitten, ontspant die band maar deels. Je kunt de ideale poephouding krijgen door een krukje voor bij je wc te kopen, waar je je voeten dan op kan zetten. Er bestaan zelfs speciale 'poepkrukjes' hiervoor, die je online kunt bestellen."







ARTIKEL: DE IRISONE: UNIEK HULPMIDDEL BIJ HET VOORLEZEN VAN TEKSTEN.
bron: Redactioneel/Koninklijke Visio.

Studenten van de Hanzehogeschool zijn een uniek hulpmiddel aan het ontwikkelen voor slechtzienden en blinden die willen lezen. Voor iPhones en iPads zijn er apps zoals Seeing Ai, die boeken of formulieren kunnen voorlezen.

Een probleempje: daarvoor is het nodig dat je de iPhone precies op de goede plek houdt, zodat de app de hele pagina goed ziet. Maar hoe doe je dat, als je zelf niet zo goed ziet? Een groep van acht studenten van de Hanzehogeschool hebben een slim antwoord bedacht.

Het idee: de Irisone.

Dit is een handige uitklapbare standaard. Ingeklapt is de Irisone een plat pakketje ter grootte van een kleine laptop, en goed draagbaar. Uitgeklapt is het een boekenstandaard met op enige afstand daarvoor een gleuf waar de iPhone of iPad precies inpast. Dit is precies de goede afstand voor de voorleesapparaten zodat de pagina voorgelezen kan worden. Het apparaatje van de studenten is eenvoudig in één keer uit te klappen en dan meteen gebruiksklaar.

Hoe kwam dit idee tot stand?

Tijdens het project Jong Ondernemen werken studenten acht maanden lang aan een product die ook daadwerkelijk op de markt moet komen. Zes studenten van Technische Bedrijfskunde en twee studenten van de Industriële Productontwikkeling, doen mee aan dit project met hun eigen bedrijf Insight. Als het product aanslaat kunnen ze dit bedrijf voortzetten en het product verkopen aan een grote leverancier. Twee van deze studenten, Remmelt de Geus en Niek Schroor, vertellen: “We komen op dit idee via een van onze vaders, die zelf een visuele beperking heeft”.

Leuk bedacht, maar werkt het ook in de praktijk?

Het idee en de prototypes werden gepresenteerd op de bijeenkomst van de Oogvereniging bij Koninklijke Visio in Haren. De Irisone is enthousiast ontvangen door de aanwezige leden van de Oogvereniging. Er waren ook bruikbare tips, bijvoorbeeld: “Kan je er ook een enkel velletje papier in zetten? Ik krijg vaak formulieren die ik moet lezen.” De feedback is van toegevoegd waarde en dit nemen ze mee in het volgende ontwerp.

Studenten aanwezig op Ziezo-beurs.

De studenten pakken de ontwikkeling en promotie van hun idee serieus aan en zullen dit jaar ook op de Ziezo –beurs staan. Ze hopen hun prototype uit te werken tot een definitief product dat voor een redelijke prijs op de markt kan komen.







ARTIKEL: SAMENWERKING STAAT CENTRAAL IN DE NIEUWE STAAT VAN ZOÖNOSEN.
bron: Redactioneel/RIVM.

De jaarlijkse Staat van Zoönosen focust zich dit jaar op een One Health-aanpak van zoönosen. De One Health-gedachte gaat er vanuit dat verschillende disciplines moeten samenwerken bij de aanpak van zoönosen. Deze samenwerking is nodig, omdat mensen en dieren in relatie staan met elkaar en hun omgeving.

De Staat van Zoönosen, een gezamenlijke uitgave van het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en verschillende partners, verschijnt jaarlijks en biedt een overzicht van de meest belangrijke ontwikkelingen en trends op het gebied van zoönosen (ziekten die van dier op mens kunnen overgaan). Het is belangrijk om inzicht te hebben in de ontwikkeling van deze ziekten, zodat tijdig gehandeld kan worden als dat nodig is.

Vooral bacteriële voedselinfecties.

De meeste infecties van dieren naar mensen worden via voedsel overgedragen. In 2017 zijn in totaal 666 uitbraken gemeld van voedselgerelateerde uitbraken met 2995 zieken. Een deel hiervan werd veroorzaakt door zoönotische voedselgerelateerde ziekteverwekkers, zoals Campylobacter, Salmonella, Listeria monocytogenes en STEC Shigatoxineproducerende E. coli-stammen . Voor listeriose valt een toename van het aantal patiënten over de jaren op.

Meer patiënten met orthohantavirus-infectie.

Orthohantavirussen komen voor in knaagdieren, zoals rosse woelmuizen en ratten. In Nederland komen puumalavirus en, sinds 2016, seoulvirus het meeste voor. Besmette knaagdieren kunnen het virus uitscheiden in hun urine of ontlasting. Als dit indroogt, kan het virus in stof terechtkomen, waarna mensen het kunnen inademen. Dit kan leiden tot griepachtige klachten en nier- of leverklachten. In 2017 zijn 50 personen gemeld met een orthohantavirus-infectie (waarvan 45 opgelopen in Nederland). Net zoals in 2016 waren er ook in 2017 een aantal patiënten besmet geraakt met seoulvirus via tamme ratten (3 in 2017).

Verdere daling leptospirose, maar nog steeds hoog.

Al enige jaren is het aantal patiënten met leptospirose hoog. In 2017 waren er 71 patiënten met leptospirose. Dat is iets minder dan in 2015 en 2016 (89 en 84), maar nog steeds veel hoger dan de jaren ervoor. In 2017 had de meerderheid van de patiënten de ziekte opgelopen in het buitenland. De bacteriën zitten in de urine van ratten en muizen. Vooral via zwemwater en modder raken mensen besmet. De verschijnselen van leptospirose bij mensen verschillen van milde griepachtige verschijnselen tot een ernstig ziektebeeld met geelzucht, nierfalen en bloedingen (ziekte van Weil).

Meer gevallen van Brucella in honden, niet in mensen.

Eind 2016 werden voor het eerst Brucella canis besmettingen bij 4 honden in Nederland geconstateerd. In 2017 werd de bacterie bij 13 honden aangetoond. Het betrof in alle gevallen honden die geïmporteerd waren uit Zuidoost-Europa. In Nederland zijn voor zover bekend geen mensen ziek geworden van de Brucella-bacterie.







ARTIKEL: CIZ BELEIDSREGELS 2019 BEKEND.
bron: Redactioneel/ActiZ.

Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) heeft de beleidsregels voor de indicatiestelling 2019 voor de Wlz vastgesteld. Tevens heeft het CIZ de Wlz-zorgprofielen in een apart document vastgelegd.

Het CIZ stelt jaarlijks beleidsregels vast die een leidraad vormen bij de indicatiestelling voor de Wlz-zorg, de tijdelijke subsidieregeling extramurale behandeling en de subsidieregeling ADL-assistentie. De beleidsregels 2019 voor de Wlz zijn gepubliceerd.

Er zijn nauwelijks wijzigingen in de CIZ-beleidsregels 2019 ten opzicht van 2018. Het gaat voor de VV om:

• In de inleiding is een passage opgenomen over het hele systeem van wet- en regelgeving in de verschillende domeinen (Wlz, Wmo en Zvw) met betrekking tot zorg voor burgers;

• Er is ter verduidelijking een apart afwegingskader beschreven voor verzekerden met psychische stoornis. Deze afweging stond voorheen beschreven in het reguliere afwegingskader.

Zorgprofielen.

In de Wlz indicatie die het CIZ afgeeft staat een zorgprofiel. Een zorgprofiel beschrijft de zorgbehoefte. De zorgprofielen zijn vastgesteld in de Regeling Langdurige zorg. Binnen de Wlz zijn meerdere zorgprofielen onderverdeeld naar sectoren, zoals de sector Verpleging & Verzorging.

Het CIZ heeft de inhoud van de zorgprofielen in een document vastgelegd dat kan dienen als naslagwerk.







ARTIKEL: VERRAS EENZAME OUDEREN DOOR EEN KERSTKAART TE STUREN.
bron: Redactioneel/Nationale Ouderenfonds.

Het Nationaal Ouderenfonds roept dit jaar mensen weer op om een kerstkaartje te schrijven voor een eenzame oudere. Veel ouderen zouden de feestdagen alleen moeten doorbrengen en geen kaartjes ontvangen van bekenden. Daar wil het fonds verandering in brengen.

'Kerst vier je vaak samen met familie en vrienden, maar voor veel ouderen geldt dit niet', schrijft het fonds. 'Een op de vier ouderen is in Nederland eenzaam, dit gaat in totaal om 1 miljoen mensen.' Hiervan zouden 200.000 mensen zelfs helemaal alleen zijn met de feestdagen.

'Met een kaartje voelen zij zich minder alleen'

Volgens het Nationaal Ouderenfonds kun je de ouderen heel erg blij maken door een kaartje te schrijven. 'Door deze mensen een kaartje te sturen voelen zij zich een beetje minder alleen. Wie weet krijg je wel een kaartje terug!'

Wil jij ook een kaartje schrijven?

Let op: de kerstgroet moet voor 18 december worden geschreven en verstuurd. Op de website van het Ouderenfonds vind je meer informatie én het postadres. Het is mogelijk om meerdere kaarten te schrijven.







ARTIKEL: HN-INFOPUNT: IS ER OOK EEN ROOKVERBOD VOOR BEWONERS IN HET VERPLEEGHUIS?
Dagelijks een duidelijk antwoord op een gestelde vraag.
Beantwoord door de mederwerkers van ons HN-INFOpunt.

Wij ontvingen de volgende vraag:

"Op advies zal binnenkort mijn schoonmoeder in een verpleeghuis gaan wonen. Nu is ze een verstokt rookster (shag) en dan dus de vraag: mag dat in een verpleeghuis wel?"

Onze HN-informateur antwoord:

Ja en neen. Ik zal het omschrijven. Bewoners in het verpleeghuis mogen roken. Roken in de daarvoor bestemde ruimten. Denk hierbij aan een apparte recreatiezaal voor de rokende bewoners. Andere ruimtes, waar bijvoorbeeld gezamenlijke activiteiten worden gehouden daar mag veelal niet worden gerookt.

In mijn ogen heb ik er moeite mee dat oudere bewoners niet mogen roken als dit door de regering word opgelecht. Persoonlijk vind ik dat voor de bewoners in het verpleeghuis meer moet worden gedaan om hun rokertje, lees voor velen een stuk sociaal contact, te behouden. Veelal bij het kaarten en de voetbal is het niet mogenlijk om te roken. Daardoor zullen de rokende bewoners minder naar deze activiteiten gaan en zelfs wegblijven. Ik heb begrip dat mensn die last van rook hebben dit geen standpunt vinden, maar ik denk dat door middel van goede afzuig mogenlijkheden en of apparte delen in de areacreatiezaal voor rokende en niet rokende bewoners het mogenlijk moet wezen de bewoners zijn sigaretje te laten roken.

Ik zie het zo. Bewoners kiezen er niet voor om in een verpleeghuis te wonen. Bewoners die zijn opgenomen roken soms vanaf hun 14 de jaar en dat gaan we hen afnemen omdat ze, niet omdat ze het graag willen, wonen in een verpleeghuis of verzorgingshuis wonen met een rookverbod. Jammer.







ARTIKEL: ONZE LACHAFSLUITING.
Onze dagelijks afsluiting met een lach.
Vandaag ingezonden door Vanessa Baaten.

Voor een kroeg zijn twee mannen verwikkeld in een enorme vechtpartij.

Een klein jongetje staat huilend toe te kijken en roept: "Pappie, Pappie!"

Een politieagent snelt toe en vraagt aan het jochie: "Welke is je vader?"

De kleine antwoordt: "Dat zijn ze net aan het uitvechten agent."











En hiermee zijn we weer aan het eindgekomen van deze laatste editie van deze week.
We wensen jullie allen een heel prettig weekend en tot maandag.