Welkom op de speciaal toegankelijke website van HANDICAPNIEUWSnet. HANDICAPNIEUWSnet is uitgsproken actueel: donderdag
Keuzeknoppen om terug te gaan naar: Startpagina
::

donderdag

Keuze: ReadSpeaker uit.

Lees voor

Je luistert naar HandicapNieuws UPDATE van donderdag 14 februari 2019.

VANDAAG IN ONS NIEUWS:
Werkende mantelzorgers ontevreden over tijdsdruk.
Toeval of niet? Gezondheidsexperiment op school leidt tot minder pesten.
Prorail: Bel hulpdiensten bij verward persoon bij het spoor.
WHO: Wereldwijd lopen jongeren risico op gehoorschade door audiospelers.
Bereken uw gezondheidsrisico’s met het online 'Gezondheidskompas'.
Aantal grieppatiënten plotseling weer toegenomen.
Toewijzing en levering van Wmo-hulpmiddelen verbeteren.
Darmkankergen veroorzaakt ook borstkanker.
Donorkinderen krijgen toestemming voor vergelijking dna.
Ruimte om jeugdzorg-keten duurzaam te verbeteren.
Hersenwetenschapper Xing Chen: ‘Zicht voor blinden is binnen bereik’.
Minder amputaties bij diabetespatiënten.
Dankzij deelnemers VriendenLoterij bijna € 1,2 miljoen voor hersenaandoeningen.
Trauma ouders vaak oorzaak van gedragsproblemen kinderen.
Verkennend onderzoek RIVM naar chroom-6 in gevangenissen afgerond.
Jeugd-ggz en jeugdzorg moeten beter samenwerken.
Nu ook salsadansen voor blinden en slechtzienden in Utrecht.
Wat is het evolutionair nut van tongzoenen?
Student met arbeidsbeperking weer eerlijke kans op onderwijs.
De Nederlandse tandarts sterft uit.
Hulpmiddel om ‘vergeten groep’ aan het sporten te krijgen.
Tablet meer dan hulpmiddel zorg op afstand.
HN-INFOpunt: Voor wie is de WMO bedoeld?
Onze Lachafsluiting.

Voor meer informatie over de handicap nationaal? ga naar hun site: www.handicapnationaal.nl, mail naar info@handicapnationaal.nl, of bel op kantoortijden naar 06-12390746. en dan nu onze artikelen van vandaag.







ARTIKEL: WERKENDE MANTELZORGERS ONTEVREDEN OVER TIJDSDRUK.
Bron: Redactioneel/Zorg.nu/ANP.

Veel werkende mantelzorgers zijn ontevreden met hun leven en ervaren een te hoge tijdsdruk bij de zorg voor een ziek familielid. Vooral mensen die hier wekelijks acht uur of langer mee bezig zijn hebben daar last van, concludeert het Sociaal en Cultureel Planbureau in een onderzoek.

Ongeveer 400.000 werkenden in Nederland geven intensief hulp aan hun zieke naaste. Gemiddeld werken zij 31 uur per week en helpen zij ook nog eens 21 uur.

70 procent van werkende mantelzorgers kan werk en mantelzorg goed combineren.

Toch vindt ruim 70 procent van alle werkende mantelzorgers arbeid en mantelzorg goed te combineren. Naar schatting zijn er in Nederland bijna 2 miljoen werkenden die ook mantelzorg geven.

Het onderzoek is gebaseerd op een enquête onder ruim 3800 werkenden.

Mantelzorg bespreekbaar maken op de werkvloer.

Vakbonden CNV en FNV vinden het hoog tijd dat mantelzorgers hun mantelzorgtaken bespreekbaar maken op de werkvloer. 'Veel mantelzorgers nemen nu vakantiedagen op in plaats van zorgverlof of melden zich ziek', aldus het CNV. Volgens de CNV is het belangrijk dat werknemers weten dat er al veel regelingen zijn. Nu zou 54 procent van de werknemers niet weten of er formele regelingen op het werk zijn voor mantelzorg, zo blijkt volgens de bond uit recent onderzoek dat Maurice de Hond in opdracht van CNV uitvoerde. Slechts 16 procent zou de wettelijke regelingen kennen.

De FNV wil dat langdurend zorgverlof niet langer onbetaald is. 'Wanneer de regering van burgers verwacht dat zij meer zorgtaken op zich nemen, moet de overheid daar iets tegenoverstellen', aldus de vakbond.

Lees meer antwoorden van deskundigen op vragen van de lezers via onze website.







ARTIKEL: TOEVAL OF NIET? GEZONDHEIDSEXPERIMENT OP SCHOOL LEIDT TOT MINDER PESTEN.
Bron: Redactioneel/RTLnieuws/ANP.

Gezonder eten en meer bewegen, vier scholen in Limburg probeerden bij wijze van experiment een gezondere leefstijl voor hun leerlingen. Wat bleek? Het hielp niet alleen voor de gezondheid, ook pestproblemen en ruzietjes namen af.

De Maastricht University heeft onderzoek gedaan op acht basisscholen in Limburg. Onderzoekers wilden weten wat de invloed was van een speciaal voedings- en beweegpatroon.

Op twee scholen gingen leerlingen daarom twee jaar lang meer en anders bewegen en gezonder eten, op twee scholen werd alleen het bewegen veranderd en op vier scholen veranderde niets.

Bijzondere bijvangst.

Het BMI van de leerlingen op de vier gezonde scholen daalde terwijl de leerlingen op de vier overige scholen juist aankwamen. De 'bijvangst' van het onderzoek was misschien nog wel interessanter dan de resultaten waar de onderzoekers van tevoren op hoopten.

De pestproblemen op de vier testscholen namen volgens leraren en ouders aanzienlijk af. "Dat was helemaal niet waar we aanvankelijk in geïnteresseerd waren", zegt Onno van Schayck, hoogleraar preventieve geneeskunde aan de Maastricht University.

'Niets doen kan niet'

De leerlingen op de vier 'gezonde' scholen kregen tijdens het experiment tussen de middag een lunch van de school met fruit, brood en zuivel. Broodtrommels konden thuisblijven en jaloers zijn op andermans lunch werd daarmee verleden tijd.

Op basisschool Wereldwijs in Landgraaf, waar Marco Reumkens werkt, zijn ook traktaties niet meer toegestaan. "Jarigen worden in het zonnetje gezet door aandacht en niet door eten", zegt hij. Het zorgde volgens hem voor minder ruzie in de klas.

Steeds meer scholen verplichten leerlingen een gezonde lunch mee te nemen.

We namen eerder een kijkje op deze school in Den Haag, waar zoet beleg tijdens de lunch verboden is. De kinderen zijn er best blij mee: ‘Ik wil een gezond kind blijven’.

Leren spelen.

Op de 'gezonde' scholen hebben de leerlingen twee tot drie keer per week een sportieve activiteit en zijn de middagpauzes langer, zodat de kinderen meer bewegen. Tijdens de middagpauze komen pedagogisch medewerkers de leerlingen overnemen van de leerkrachten. Zij begeleiden de lunch en het buitenspelen, want spelen is meer dan op een schoolplein rondrennen.

"De leerlingen moeten leren om te spelen", zegt Judith Wintjens, van kinderopvang Humanitas. "De begeleiders zijn er zodat de leerlingen elkaar beter leren begrijpen en snappen dat het ene kind goed is in het ene spel en het andere kind in een ander spel." Volgens Wintjens zijn kinderen die goed kunnen spelen gelukkiger en blijer in een groep. "De incidenten op de gezonde scholen zijn erg afgenomen, doordat de leerlingen hebben geleerd samen te spelen."

Pestonderzoek.

Dat er in de pauzes minder ruzietjes zijn tussen leerlingen, zou natuurlijk ook kunnen komen omdat er simpelweg meer volwassenen toezicht houden. "Vreemde ogen dwingen", zegt Van Schayck. "Maar er zijn veel pestprogramma's in Nederland en daarvan zijn er maar een aantal effectief, dus als onze 'gezonde' aanpak effect heeft op pesten dan kun je daar wat mee."

Van Schayck wil met vervolgonderzoek duidelijk krijgen hoe het pesten precies in verband staat met de gezonde leefstijl. "Misschien zijn de leerlingen nu wel gewoon te moe om te pesten." Het aantal scholen dat deelneemt aan het gezonde experiment wordt uitgebreid met nog eens twaalf scholen.







ARTIKEL: PRORAIL: BEL HULPDIENSTEN BIJ VERWARD PERSOON BIJ HET SPOOR.
Bron: Redactioneel/ProRail/Zorg.nu/ANP.

ProRail roept mensen op om via 112 de hulpdiensten in te schakelen als ze een verward persoon op of bij het spoor zien. Volgens de spoorbeheerder blijkt uit camerabeelden dat omstanders vaak niets doen als iemand zich verward gedraagt in de buurt van het spoor.

'Als mensen de hulpdiensten bellen, kan sneller de juiste hulp worden gegeven aan een verward persoon', aldus een woordvoerder van ProRail. 'Ook wordt het dan makkelijker een machinist te waarschuwen of een trein op tijd stil te zetten. Blijf in zo'n situatie wel altijd aan je eigen veiligheid denken.'

55 procent van vertragingen door verwarde personen.

Bij de spoorbeheerder komen dagelijks meerdere meldingen binnen van verwarde personen in de buurt van het spoor. De vertragingen voor het treinverkeer door verwarde persoon vallen bij de spoorbeheerder onder de categorie 'veroorzaakt door derden'. In die categorie valt 55 procent van de vertragingen.







ARTIKEL: WHO: WERELDWIJD LOPEN JONGEREN RISICO OP GEHOORSCHADE DOOR AUDIOSPELERS.
Bron: Redactioneel/NU.nl/ANP MediaWatch.

Wereldwijd beschadigen jonge muziekliefhebbers hun gehoor met audiospelers zonder volumebegrenzing, stelt de wereldgezondheidsorganisatie WHO dinsdag.

Over de hele wereld hebben al 466 miljoen mensen een verslechterd gehoor. In 2010 waren dit nog ongeveer 360 miljoen mensen. De gezondheidsorganisatie verwacht dat dit in 2050 zal oplopen tot 900 miljoen mensen, wat neerkomt op een op de tien mensen.

"Ongeveer een miljard jongeren lopen het risico op gehoorverlies, door het simpelweg gebruiken van de apparaten", aldus Shelly Chadha van de WHO. De gezondheidsorganisatie dringt er bij fabrikanten op aan ervoor te zorgen dat smartphones en andere audiospelers software krijgen die verhoedt dat mensen te lang naar luide muziek kunnen luisteren.

"We willen op apparaten bijvoorbeeld functies als automatische volumereductie en ouderlijk toezicht op het volume", aldus Chadha. "Hierdoor zorgen we ervoor dat het risico op tinnitus en gehoorverlies afneemt."

'Ook geluid in restaurants en fitnessruimtes vaak te hard'

De EU is de enige regio ter wereld waar regelgeving op het gebied van geluidsvolume bestaat. Er is bepaald dat het volume op audiospelers op 85 decibel moet worden ingesteld, met een maximum van 100 decibel.

De WHO onderzoekt ook volumeniveaus in nachtclubs en sportarena's. "Er bestaan enkele richtlijnen, maar deze worden niet op grote schaal geïmplementeerd", zei Chadha. "We zijn bezig met het ontwikkelen van een kader voor dergelijke regelgeving voor verschillende locaties, zoals restaurants, bars en concerten. Zelfs in fitnessruimtes wordt vaak op een te hoog niveau muziek afgespeeld."







ARTIKEL: BEREKEN UW GEZONDHEIDSRISICO’S MET HET ONLINE 'GEZONDHEIDSKOMPAS'.
Bron: Redactioneel/Gezondheid.be.

De nieuwe online webapplicatie 'gezondheidskompas' berekent uw gezondheidsrisico's voor ziektes zoals diabetes of suikerziekte, dikkedarm- en borstkanker of hart- en vaatziektes. De applicatie richt zich vooral op mensen ouder dan 45 jaar.

Het is een initiatief van het Agentschap Zorg en Gezondheid van de Vlaamse Overheid.

Een wetenschappelijk onderbouwde vragenlijst over uw leeftijd, gewicht, gewoontes zoals roken en drinken, bewegen en erfelijkheid vormt de basis waarop het Gezondheidskompas een advies geeft. Mensen met verhoogde risico's krijgen het advies om hun resultaten te bespreken met hun huisarts.

Via een code kan de huisarts een inzicht krijgen in de antwoorden. De huisarts kan dan samen met de patiënt de vragenlijst overlopen, gegevens aanvullen of aanpassen. Hierna volgt een definitief beleidsadvies. Dit is de basis waarop patiënt en huisarts samen een individueel preventieplan kunnen afspreken.

Voor mensen ouder dan 45 jaar wordt er ook een score berekend voor het risico op diabetes of suikerziekte.

Verder toont het gezondheidskompas ook het aanbod qua hulpverlening. Zo vindt iemand die rookt een overzicht van het ondersteuningsaanbod om te stoppen met roken.







ARTIKEL: AANTAL GRIEPPATIËNTEN PLOTSELING WEER TOEGENOMEN.
Bron: Redactioneel/Zorg.nu/ANP.

Het aantal grieppatiënten is vorige week plotseling toegenomen, na weken van dalingen. Volgens gezondheidsinstituut Nivel gingen er 96 op de 100.000 mensen met griepklachten naar de huisarts. De week daarvoor waren het er maar 59.

Als twee weken achter elkaar meer dan 51 op de 100.000 mensen griep hebben, is er officieel sprake van een epidemie. Huisartsen zien deze ronde vooral veel baby's en peuters met griepachtige verschijnselen.Er is nu voor de negende achtereenvolgende week sprake van een griepepidemie. Gemiddeld duurt zo'n epidemie ook ongeveer negen weken.

Vorig jaar duurde de griepgolf twee keer zo lang als normaal. Het Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg baseert zich op cijfers van veertig huisartsenpraktijken verspreid over het land.







ARTIKEL: TOEWIJZING EN LEVERING VAN WMO-HULPMIDDELEN VERBETEREN.
Bron: Redactioneel/RadboudUMC.

De toewijzing en levering van Wmo-hulpmiddelen kan vaak soepeler verlopen, blijkt uit de praktijk. De vernieuwde handreiking voor gemeenten moet hierbij helpen.

De oude handreiking legde volgens betrokken partijen te veel nadruk op de prijs en was te weinig gericht op vernieuwing. De ‘Handreiking inkoop hulpmiddelen’ (pdf) voor gemeenten is vernieuwd door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), de hulpmiddelenleveranciers en Ieder(in). Dit in overleg met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), diverse gemeenten en andere belangenorganisaties.

Knelpunten.

Belangrijke aanleiding was een brief van minister de Jonge van VWS aan gemeenten, waarin zes knelpunten rondom Wmo-hulpmiddelen werden benoemd: gebrek aan informatie en aan maatwerk; problemen rond verhuizingen; wachttijden, levertijden en bereikbaarheid; kwaliteitsverschillen tussen gemeenten; de afstemming tussen cliënten, gemeenten en leveranciers en samenwerking tussen gemeenten onderling, verzekeraars en het zorgkantoor.

Kwaliteit.

Volgens de VNG en Ieder(in) staat in de vernieuwde handreiking kwaliteit centraal en moet deze ‘bij goed gebruik’ leiden tot een betere positie voor de eindgebruiker, doelgroepgericht maatwerk, het voorkomen van problemen rond verhuizing en kleinere verschillen tussen gemeenten.







ARTIKEL: DARMKANKERGEN VEROORZAAKT OOK BORSTKANKER.
Bron: Redactioneel/RadboudUMC.

De onderzoekers hebben een nieuwe methode gebruikt om vast te stellen dat NTHL1-mutaties ook borstkanker en andere soorten kanker veroorzaken

Zeldzame mutaties in het NTHL1-gen, die eerder alleen in verband werden gebracht met darmkanker, kunnen ook borstkanker en andere soorten kanker veroorzaken. Onderzoekers van het Radboudumc, LUMC en het Prinses Máxima Centrum beschrijven dit nieuwe multi-tumorsyndroom samen met internationale collega’s in Cancer Cell. Nicoline Hoogerbrugge, hoogleraar erfelijke kanker bij het Radboudumc: “We dachten dat we alle multi-tumorsyndromen wel kenden, maar met deze ontdekking zetten we een nieuwe stap in het vinden van kankergenen.”

Hoogerbrugge en collega’s toonden drie jaar geleden al aan dat mutaties in het NTHL1-gen kunnen leiden tot darmpoliepen, die zich kunnen ontwikkelen tot darmkanker. Nu blijkt echter dat patiënten met een mutatie in dit gen vaak ook andere soorten kanker krijgen. In hun vandaag verschenen artikel beschrijven de onderzoekers 17 families met één generatie waarin personen NTHL1-mutaties hebben. De helft van de onderzochte patiënten ontwikkelde in hun leven meerdere soorten kanker, waarbij vooral borstkanker opvallend vaak voorkwam.

Mutaties in het NTHL1-gen zijn heel erg zeldzaam. De mutatie in het gen kan alleen tot kanker leiden als iemand van beide ouders zo’n mutatie heeft meegekregen. De onderzoekers schatten in dat dit bij ongeveer 1 op de 115.000 mensen het geval is. NTHL1-mutaties en het bijbehorende multi-tumor syndroom zijn moeilijk op te sporen, omdat dit slechts in één generatie van een familie tot kanker leidt.

Hoogerbrugge: “Op dit moment kijken we al bij patiënten met veel darmpoliepen of ze mutaties hebben in het NTHL1-gen. Maar we zouden veel breder moeten kijken. Op termijn willen we ook gaan kijken of er mutaties zijn in het NTHL1-gen bij patiënten die zelf vaker kanker ontwikkelen, en ook broers en zussen hebben met meerdere vormen van kanker.”

Een betere karakterisering van patiënten met mutaties in het NTHL1-gen leidt tot een betere inschatting van het risico dat deze patiënten lopen op bepaalde soorten kanker. “Het is voor patiënten belangrijk om te weten hoe groot hun kans is op bijvoorbeeld borstkanker. En voor mij als arts ook, om aanbevelingen te kunnen doen,” zegt Maartje Nielsen, klinisch geneticus bij het LUMC. Patiënten bij wie een mutatie in het NTHL1-gen wordt ontdekt, zouden volgens haar in aanmerking moeten komen voor screening op verschillende soorten kanker, zoals darm- en borstkanker.

Mutatiepatroon.

De onderzoekers hebben een nieuwe methode gebruikt om vast te stellen dat NTHL1-mutaties ook borstkanker en andere soorten kanker veroorzaken. Mutaties in het NTHL1-gen veroorzaken namelijk een specifiek patroon van andere mutaties. Doordat dit patroon alleen voorkomt in tumoren van patiënten met een NTHL1-mutatie, maar niet in andere tumoren, konden de onderzoekers dit patroon koppelen aan het NTHL1-gen. Deze methode kan in de toekomst ook gebruikt worden om nieuwe genetische oorzaken van kanker op te sporen.

Roland Kuiper, moleculair geneticus verbonden aan het Prinses Máxima Centrum: “Er zijn meer dan 30 van dergelijke patronen bekend, niet alleen specifiek voor NTHL1. Als we bij een patiënt met meerdere soorten kanker zien dat al deze tumoren hetzelfde mutatiepatroon hebben, hebben we een sterke aanwijzing dat er iets genetisch aan de hand is. Die tumoren zijn dan allemaal op dezelfde manier ontstaan.”

Richarda de Voer, moleculair bioloog bij het Radboudumc, voegt daaraan toe: “Het is de laatste jaren steeds moeilijker geworden om nieuwe kankergenen te vinden. Door mutatiepatronen in patiënten te vergelijken, kunnen we weer een nieuwe stap

maken om de genetische oorzaak bij meer kankerpatiënten op te lossen.”

NTHL1.

NTHL1 is betrokken bij DNA-reparatie. Het herkent een specifieke vorm van DNA-schade. Bij een mutatie in het NTHL1-gen, doen de NTHL1-eiwitten hun werk niet en wordt deze schade niet herkend en vervolgens ook niet hersteld. Zo ontstaan meer mutaties, wat een aanleiding is voor kanker.

Mutaties in het NTHL1-gen leiden er toe dat veranderingen van de letter ‘C’ in het DNA naar een ‘T’ niet worden gerepareerd. Dit gebeurt op specifieke plekken in het DNA, waardoor er een herkenbaar mutatiepatroon ontstaat.







ARTIKEL: DONORKINDEREN KRIJGEN TOESTEMMING VOOR VERGELIJKING DNA.
Bron: Redactioneel/Zorg.nu/ANP.

Kinderen die zijn verwekt in medisch centrum Bijdorp in Barendrecht mogen een vergelijking maken met het DNA van de inmiddels overleden eigenaar van de kliniek, Jan Karbaat. De rechtbank in Rotterdam heeft daartoe toestemming gegeven.

Kinderen die zijn verwekt in medisch centrum Bijdorp in Barendrecht mogen een vergelijking maken met het DNA van de inmiddels overleden eigenaar van de kliniek, Jan Karbaat. De rechtbank in Rotterdam heeft daartoe toestemming gegeven.

De kinderen hadden in een civiele zaak geëist dat ze een vergelijking zouden mogen maken, om zekerheid te krijgen over hun afstamming. Karbaat zou in de kliniek en eerder in een ziekenhuis zijn eigen sperma hebben gebruikt bij inseminaties. Er zouden zeker 47 donorkinderen van de vruchtbaarheidsarts zijn. Omdat die ook nog 22 erkende kinderen had, zijn er zeker 69 nazaten.

Niet wachten op een hoger beroep.

DNA-materiaal van Karbaat dat na zijn overlijden is veiliggesteld, mag nu worden vergeleken met dat van de kinderen. Die hoeven daarvoor van de rechtbank niet te wachten op een eventueel hoger beroep, omdat de rechters het belangrijk vinden dat de nazaten snel uit hun onzekerheid worden verlost.

Sperma van verschillende donoren werd vermengd.

De sterk op elkaar lijkende donorkinderen reageerden opgelucht en emotioneel op het vonnis. Een aantal eisers behoort niet tot de zogeheten Karbaatgroep, maar verkeert eveneens in onzekerheid over hun afstamming. Volgens de rechtbank is aangetoond dat in de kliniek soms sperma van verschillende donoren werd vermengd en dat in enkele gevallen kinderen in één gezin niet dezelfde biologische vader hebben, ondanks toezeggingen.

Karbaat is daarmee tekortgeschoten in zijn zorgplicht, oordeelden de rechters. Bovendien is vastgesteld dat de norm van het maximum aantal kinderen dat één donor mag verwekken - 25 - ruim is overschreden.

DNA van zoon van Karbaat.

De overeenkomsten tussen het DNA van de 'Karbaatkinderen' is vastgesteld na vergelijking met DNA van een wettige zoon van de vruchtbaarheidsarts.

De rechters oordeelden dat de weduwe en nazaten van de arts niet in hun goede naam worden geschaad, ook omdat niet is vastgesteld of zij afwisten van de praktijken in de kliniek.







ARTIKEL: RUIMTE OM JEUGDZORG-KETEN DUURZAAM TE VERBETEREN.
Bron: Redactioneel/GGZ Nederland.

Jeugdzorg Nederland, de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP), het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP), de Nederlandse Vereniging van Pedagogen en Onderwijskundigen (NVO) en GGZ Nederland hebben in een brief aan de Tweede Kamer beschreven op welke manier zij samenwerken om het uiteindelijke doel te bereiken: 0 gebruik van de separeer, 0 sui¨cides en richting 0 kinderen uit huis.

Daarvoor moet de héle jeugdzorg-keten snel en duurzaam verbeteren. De jeugdpsychiatrie en de jeugdzorg zien dit als gezamenlijke verantwoordelijkheid. Maar we hebben hierbij gemeenten, rijk en andere partners hard nodig.

Wij ontwikkelen betere, gezinsgerichte hulp met aandacht voor kwetsbaar ouderschap, zodat kinderen thuis veilig zijn. Daarnaast maken we, samen met het ministerie van VWS en de gemeenten, een plan voor de toekomst van de Jeugdzorg Plus (gesloten jeugdzorg). Dit plan wordt binnen enkele weken gepresenteerd.

Het gaat om moeilijk werk voor en met heel kwetsbare mensen. Het gevaar schuilt in te snelle antwoorden. Daarom hebben wij de Kamerleden gevraagd de zorgorganisaties en professionals de ruimte te geven om deze noodzakelijke, deskundige ontwikkeling van zorg op een zorgvuldige manier vorm te kunnen geven.







ARTIKEL: HERSENWETENSCHAPPER XING CHEN: ‘ZICHT VOOR BLINDEN IS BINNEN BEREIK’.
Bron: Redactioneel/Bartiméus.

Blinden weer laten zien. Het klinkt als een gegeven uit een sciencefictionfilm, maar in het Nederlands Herseninstituut boeken wetenschappers succes door met elektroden de hersenen te prikkelen. ‘Onze proefdieren, apen, kunnen al letters onderscheiden puur door hun hersenen te prikkelen’, zegt Xing Chen.

De hersenwetenschapper is een van de gasten bij het Kenniscafé in De Balie in Amsterdam op maandag 18 februari, dat in het teken staat van de wetenschap en de toekomst van het zien. ‘De komende jaren willen we de stap naar mensen met blindheid maken.’

Apen laten zien met een chip in hun hersenen: hoe test je zoiets?

‘We trainden de apen, die gewoon kunnen zien, eerst voor een computerscherm. Bij oplichtende rondjes leerden we ze om een bepaalde kant op te kijken met hun ogen. Ze werden beloond als ze dat goed deden. Vervolgens brachten we elektroden aan in het brein. Meer dan duizend elektroden, verspreid over de visuele hersenschors. Elk van die elektroden heeft een contactpunt, waardoor we op die plek de hersenen kunnen prikkelen met kleine elektrische stroompjes. Doen we dat in een donkere ruimte, dan zien we – met behulp van camera’s die de oogbewegingen volgen – hoe de aap daarop reageert door een bepaalde kant op te kijken. Blijkbaar ziet hij dus iets betekenisvols.’

Wat ziet de aap tijdens hersenstimulatie?

‘Dat kunnen we ze niet vragen natuurlijk. Maar we kunnen er wel indirect achter komen wat ze zien, door ze eerst te trainen om visuele stimuli van elkaar te onderscheiden en deze dan later te vervangen door elektrische stimulatie. We weten ook veel van onderzoek bij mensen die lichtpunten zien wanneer hun hersenschors gestimuleerd wordt. Bij sommige patiënten kan de prothese in het netvlies worden geplaatst. Een camera op een bril registreert wat er in de omgeving gebeurt. Die camerabeelden worden omgezet in elektrische stimulatie. De patiënt ziet dan een patroon van lichtpunten en kan op die manier de wereld aanschouwen, bijvoorbeeld doordat hij het silhouet van een hoofd ziet, of het gat van de deur.

‘Van elektroden op het netvlies weten we al dat die helpen als de zenuwen vanaf het netvlies naar de visuele cortex nog intact zijn. Voor mensen met beschadigde zenuwen ontwikkelen we nu deze techniek.’

Sommige technieken om met elektrische stimulatie te kunnen zien, bestaan dus al voor mensen. Waarom test u dan nog op apen?

‘De prothese waaraan wij werken, kun je alleen testen in levende wezens. Anders kom je er simpelweg niet achter of de signalen goed doorkomen. Zoiets kun je beter niet direct op mensen testen, en dat mag ook niet. Om ethische redenen en omwille van de veiligheid. We werken nu met enkele dieren, en doen dat zo terughoudend mogelijk. Dat is altijd belangrijk: dat je met zo min mogelijk dieren werkt, en dat je daarnaast ook zoekt naar manieren om via ander onderzoek ook verder te komen.’

Hoe groot is de stap om blinde mensen te laten zien met hersenstimulatie?

‘In de Verenigde Staten lopen kleinschalige experimenten met elektroden in de hersenen van mensen, maar daarbij is de resolutie nog laag, waardoor het beeld vaag is. Wij zitten nu op meer dan duizend contactpunten. Daarmee kunnen de apen al aardig eenvoudige patronen van elkaar onderscheiden. Hoe meer contactpunten, hoe scherper het beeld. Elektroden in de hersenen plaatsen vergt een operatie, en zo’n operatie heeft altijd risico’s. We willen ook voorkomen dat de elektroden na een paar maanden slechter gaan werken, omdat het immuunsysteem van het lichaam het vreemde materiaal niet accepteert.

‘We experimenteren nu met nieuwe materialen om te kijken of de elektroden dan tien jaar of langer blijven werken in het brein. Studies bij mensen zouden vanuit wetenschappelijk oogpunt zeker interessant zijn. Mensen met blindheid hebben al hulpmiddelen, van braille tot computers die tekst in spraak omzetten. We willen natuurlijk pas elektroden in de hersenen van mensen met blindheid plaatsen als we zeker zijn dat het goed werkt en veilig is, zodat de voordelen groter zijn dan de risico’s.’

Kenniscafé ‘Verder dan je neus lang is'

Worden onze ogen slechter van het turen naar schermpjes? Hoe zag het leven van mensen eruit voor de uitvinding van de bril? Kunnen blinde mensen ooit weer zien? Antwoorden op deze en andere vragen in het Kenniscafé in De Balie, op maandag 18 februari. Met onder andere oogartsen, hersenwetenschappers en een Nederlander met een bionisch oog die vertelt hoe hij de wereld ziet. Kaarten bestellen.







ARTIKEL: MINDER AMPUTATIES BIJ DIABETESPATIËNTEN.
Bron: Redactioneel/Gezondheid.be.

Amputaties van de volledige voet werden 10 jaar geleden zeven keer meer uitgevoerd bij diabetespatiënten dan bij de algemene bevolking. Sindsdien is het aantal amputaties gelukkig significant verminderd met ongeveer een derde, wellicht dankzij een betere zorg. Dat blijkt uit een onderzoek van het Intermutualistisch Agentschap.

Samen met de patiëntenverenigingen (Diabetes Liga en Association Belge du Diabète) en de universiteit van Düsseldorf analyseerde het Intermutualistisch Agentschap (IMA) de terugbetalingsgegevens van de mutualiteiten over amputaties bij patiënten met en zonder diabetes in de periode 2009 tot 2013.

Voetwonden bij diabetes kunnen aanleiding geven tot amputatie van een deel van de voet of het onderste lidmaat, en hebben een belangrijke impact op de levenskwaliteit van de patiënt en diens omgeving.

In de analyse werd een onderscheid gemaakt tussen amputaties onder de enkel – dit noemen we de mineure amputaties – en amputaties boven de enkel, de majeure amputaties. In totaal werden tijdens de onderzochte periode van 5 jaar 5438 majeure amputaties en 8811 mineure amputaties geregistreerd, waarvan iets meer dan de helft bij personen met diabetes.

Het aantal majeure amputaties lag in 2009 zeven maal hoger bij personen met diabetes dan bij de algemene bevolking. We stelden over de studieperiode van 5 jaar een significante daling vast van deze majeure amputaties bij de diabetespatiënten. Die daalden van 42,3 per 100.000 personen naar 29,9 per 100.000. Er werd ook een kleinere significante daling van het aantal mineure amputaties vastgesteld, van 91,3/100.000 personen naar 77,1/100.000. Bij mensen zonder diabetes trad er geen significante daling op van het aantal majeure amputaties, wel een lichte daling van het aantal mineure amputaties.

Multidisciplinaire diabetische voetklinieken.

Wonden en voetproblemen bij personen met diabetes vragen een gespecialiseerde aanpak. In ons land werden in 2005 kwaliteitscriteria opgesteld voor de diabetesvoetklinieken. Binnen deze voetklinieken wordt de patiënt met een diabetische voetwonde multidisciplinair behandeld volgens internationale richtlijnen. Op dit ogenblik zijn er op basis van deze criteria 35 diabetische voetklinieken erkend. Het doel van deze diabetische voetklinieken is om voetwonden te genezen, amputaties te vermijden en nieuwe voetwonden te voorkomen.

Hoewel de beschikbare gegevens niet toelaten om een rechtstreeks verband te leggen, suggereren de resultaten dat het werk dat in deze voetklinieken gebeurt zijn vruchten afwerpt, naast de inspanningen die in de eerste lijn en in gespecialiseerde diabetescentra geleverd worden om diabetespatiënten zo goed mogelijk te behandelen. Er werd ook veel beter dan ooit screening naar risicovoeten uitgevoerd en waar nodig aangepaste schoenen voorgeschreven en bijkomende educatie voorzien.

Preventie.

Omdat majeure amputaties nog altijd 5 maal meer voorkomen bij diabetespatiënten, is preventie van voetproblemen erg belangrijk. Een goede opvolging, verzorging en begeleiding van de diabetespatiënt, met regelmatig nazicht van de voeten en tijdige preventieve maatregelen bij verhoogd voetrisico zijn dan ook vanuit het perspectief van de volksgezondheid uitermate belangrijk.

Daarnaast moet er ook ingezet worden op de preventie van diabetes zelf. Dit kan helaas momenteel niet bij type 1 diabetes, die meestal vanaf jongere leeftijd voorkomt. Preventie van type 2 diabetes, die meestal pas bij volwassenen optreedt, is wel grotendeels mogelijk. Naast aanleg en leeftijd zijn de belangrijkste risicofactoren hiervan gekend: overgewicht en een ongezonde levensstijl. De ziekenfondsen en de patiëntenverenigingen informeren hun leden uitgebreid over deze aandoening, wijzen daarbij op het belang van een gezonde levensstijl en investeren sterk in gezondheidspromotie.







ARTIKEL: DANKZIJ DEELNEMERS VRIENDENLOTERIJ BIJNA € 1,2 MILJOEN VOOR HERSENAANDOENINGEN.
Bron: Redactioneel/Vriendenloterij/Hersenstichting.

De Hersenstichting heeft op 11 februari € 1.194.108 ontvangen tijdens het jaarlijkse Goed Geld Gala van de VriendenLoterij. Mede dankzij deze mooie bijdrage kunnen we hersenaandoeningen bestrijden, zorg voor patienten verbeteren en hersenen gezond houden. En dat is belangrijk, want één op de vier Nederlanders heeft een hersenaandoening.

Het bedrag bestaat uit een jaarlijkse bijdrage van de VriendenLoterij en de opbrengsten van verkochte loten in 2018 ten bate van de Hersenstichting. Wij bedanken alle deelnemers van de VriendenLoterij en in het bijzonder de mensen die meespelen voor de Hersenstichting.

61,1 miljoen voor het goede doel.

Dankzij de loterijdeelnemers, van ieder lot gaat de helft naar het goede doel, kan de VriendenLoterij in 2019 een totaalbedrag van 61,1 miljoen euro uitkeren aan 54 goede doelen die werkzaam zijn op het gebied van gezondheid en welzijn. Naast armoedebestrijding onder kinderen zijn er nog twee aandachtsgebieden waarvoor dit jaar extra schenkingen beschikbaar zijn: het bevorderen van taal- en leesvaardigheid van kinderen en toegang tot betaalbare medicijnen voor patiënten met een zeldzame ziekte.

Speel ook mee voor de Hersenstichting.

Elke maand kans maken op honderdduizenden prijzen oplopend tot € 100.000? Koop nu een lot en word vriend van de Hersenstichting. Een lot kost € 13,75 per trekking. Een deel van de lotprijs gaat direct naar de Hersenstichting, elke maand opnieuw! Koop hier uw lot in de VriendenLoterij, de loterij voor vrienden.

Over de VriendenLoterij.

De VriendenLoterij steunt maatschappelijke initiatieven die mensen met onvoldoende middelen of mogelijkheden een steuntje in de rug geven, zodat zij voluit mee kunnen doen in de samenleving en een volwaardig leven kunnen leiden. Ook steunt zij vrijwilligers in hun ambitie om een bijdrage aan de maatschappij te leveren. De loterij werft fondsen voor goede doelen die werken aan gezondheid en welzijn en geeft bekendheid aan hun werk. Onder andere de Hersenstichting ontvangt jaarlijks een mooie bijdrage.







ARTIKEL: TRAUMA OUDERS VAAK OORZAAK VAN GEDRAGSPROBLEMEN KINDEREN.
Bron: Redactioneel/GGZ Nederland.

Vandaag verscheen in de Volkskrant een interview met Peter Dijkshoorn, bestuurder van Accare en GGZ Nederland. Hij reageert onder meer op het verhaal van Jason Bhugwandass, die in de Volkskrant van zaterdag zijn opname in een gesloten jeugdzorginstelling beschreef als een gevangenschap die hem meer kwaad dan goed deed.

“Het kind uit huis halen en opsluiten is geen oplossing”, zegt Dijkshoorn. “Ik vind dat we ernaar moeten streven ermee te stoppen. Net zoals wetenschappers en artsen alles doen om kanker de wereld uit te helpen.” In het interview geeft Dijkshoorn verschillende manieren aan hoe. “Er is voldoende kennis, meer dan tien jaar geleden, om kinderen op een andere manier verder te helpen. Het is noodzakelijk die kennis te verspreiden. Daarvoor moeten GGZ en jeugdzorg beter samenwerken. De oorzaak van psychische en gedragsproblemen liggen vaak in de thuissituatie, in de opvoeding. Kinderen met problematisch gedrag die in hun ontwikkeling worden bedreigd, blijken vaak getraumatiseerde ouders te hebben. Door het trauma van deze ouder tegelijk met de psychische en gedragsproblemen van de kinderen te behandelen, worden de oorzaken aangepakt. De ruimte voor uithuisplaatsing moet er nog wel zijn, want soms is de situatie voor een kind thuis zó ernstig, onveilig en uitzichtloos, dat het onverantwoord is. We moeten er als samenleving naar streven die situatie voor te zijn.”







ARTIKEL: VERKENNEND ONDERZOEK RIVM NAAR CHROOM-6 IN GEVANGENISSEN AFGEROND.
Bron: Redactioneel/Rijksoverheid.

Er zijn geen aanwijzingen voor extra gezondheidsrisico’s bij de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) door het werken met verduurzaamd hout. Dat concludeert het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) na een verkennend onderzoek in opdracht van minister Dekker (Rechtsbescherming).

Medewerkers en gedetineerden hebben in het verleden in een aantal gevangenissen gewerkt met hout dat met de stof chroom-6 geïmpregneerd was. Het RIVM heeft de metingen die de DJI liet uitvoeren naar chroom-6 in de lucht onderzocht. Uit deze metingen bleek niet dat de wettelijke grenswaarden werden overschreden. Het RIVM concludeert daarnaast dat de bestudeerde documenten geen inhoudelijke aanleiding geven voor een vervolgonderzoek.

Minister Dekker gaf het RIVM in augustus vorig jaar opdracht voor een verkennend onderzoek dat antwoord moest geven op de vraag of, en zo ja in welke mate, personeel en gedetineerden in het verleden zijn blootgesteld aan te hoge doses chroom-6.

Werkzaamheden.

Bij de Dienst Justitiële Inrichtingen is op arbeidszalen in een aantal gevangenissen gewerkt met geïmpregneerd hout. Het ging daarbij om het monteren van tuinschermen en tuinpoorten. Een deel van dit hout is met chroom-6 geïmpregneerd. Tijdens het machinaal bewerken van het hout zou houtstof met chroom-6 in de lucht terecht kunnen zijn gekomen. De Arbo-organisatie van DJI heeft tussen 2014 en 2017 metingen laten verrichten en kreeg de indruk dat de geldende grenswaarden voor chroom-6 in de lucht waren overschreden. Het RIVM heeft geconcludeerd dat er geen aanwijzingen zijn dat de toen geldende grenswaarde is overschreden. De door DJI beschikbaar gestelde documenten, evenals het aantal gezondheidsklachten en de aard van deze klachten geven geen inhoudelijke aanleiding voor een vervolgonderzoek.

Chroom-vrij hout.

Volgens het RIVM heeft DJI alert en proactief gehandeld toen bleek dat partijen hout na gemaakte afspraken toch chroom-6 bleken te bevatten. DJI heeft toen direct maatregelen genomen, zodat voortaan met chroom-vrij hout gewerkt kan worden. Daarnaast worden ook in opdracht van DJI periodiek metingen uitgevoerd van de concentratie chroom in het hout zelf.







ARTIKEL: JEUGD-GGZ EN JEUGDZORG MOETEN BETER SAMENWERKEN.
Bron: Redactioneel/Rijksoverheid/IGJ.

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd heeft onderzoek gedaan naar een suïcide van een jeugdige. De jeugdige verbleef op dat moment in een gesloten setting bij een locatie van Horizon, een instelling voor jeugdzorg. De jeugdige was twee weken eerder overgeplaatst vanuit Karakter, een instelling voor kinder- en jeugdpsychiatrie.

Bij de overplaatsing van de jeugdige is relevante informatie verloren gegaan. Overplaatsing van een jeugdige is zeer ingrijpend en moet alleen in uiterste gevallen worden ingezet. Instellingen moeten zoveel mogelijk hun aanpak en werkwijze aanpassen aan wat een jeugdige nodig heeft, in plaats van jeugdigen over te plaatsen naar een instelling met een ander aanbod. Als overplaatsing dan toch onvermijdelijk is, moet de benodigde expertise beschikbaar blijven.

Breng kennis en ervaring samen.

Waar in de jeugd-ggz de meeste expertise zit op psychiatrisch gebied, maar minder op een gedragsmatige aanpak, is dat in de jeugdzorg vaak andersom. Met de invoering van de Jeugdwet zouden die schotten moeten zijn doorbroken, maar deze verdrietige gebeurtenis laat zien dat dat nog lang niet overal is gelukt. De kennis en ervaring van jeugd-ggz en jeugdzorg moeten nog meer samen worden gebracht. Dat is nodig voor een optimale behandeling van jongeren met complexe problematiek.

Het onderzoek wijst bovendien uit dat Horizon op meerdere punten niet heeft gehandeld volgens de verwachtingen van de inspectie. Zo waren de ouders van de jeugdige bijvoorbeeld onvoldoende betrokken bij de inschatting van het risico op suïcide. De inspectie heeft verschillende aanbevelingen gedaan aan de betrokken instellingen. Zij moeten binnen zes weken een verbeterplan sturen.

Documenten:

Casusonderzoek Gelderland- Onderzoek na suïcide van een jongere

Uit dit onderzoek komt naar voren dat de jeugd-ggz en de jeugdzorg als twee afzonderlijke werelden hebben gehandeld bij de ... Rapport | 12-02-2019







ARTIKEL: NU OOK SALSADANSEN VOOR BLINDEN EN SLECHTZIENDEN IN UTRECHT.
Bron: Redactioneel/Bartiméus.

Salsa is een dansstijl vol passie, ritme en gevoel, maar als je niet of slecht kunt zien lijkt dat natuurlijk onmogelijk. Niet dus! Met ‘Blinde liefde voor Salsa’ maakt Annemarie Nodelijk deze passievolle dansvorm nu ook toegankelijk voor mensen met een visuele beperking. Kom naar de eerste les op maandag 18 maart op de nieuwe danslocatie bij Seats2Meet Meetingplaza in Utrecht. Kom en dans gezellig mee!

Genieten van muziek is het belangrijkste ingrediënt voor salsadansen. Tijdens de lessen, die worden gegeven door een ervaren docent, dansen partner en een ziende, slechtziende of blinde danser samen en dat werkt heel goed. ‘Mensen met een visuele beperking doen veel op gehoor en gevoel, de perfecte combinatie voor salsa. We laten ook de ziende dansers met een speciale bril op even ervaren hoe het is om te dansen met beperkt zicht, dat geeft hen een heel andere kijk op dansen!’

Met en zonder visuele beperking.

De salsalessen worden aangeboden in een 10-weekse workshop en zijn geschikt voor beginners en voor mensen met al enige ervaring, mensen met én zonder visuele beperking, kortom: iedereen is welkom!

De lessen starten op maandag 18 maart, van 19.30 tot 20.30 uur, bij Seats2Meet Meetingplaza in Utrecht (Hoogcatharijne, links naast de Intertoys). Er is nog plaats voor dansers, dus kom gerust langs! Vragen? Mail naar info@blindeliefdevoorsalsa.nl. De workshop van 10 lessen kost slechts 35 euro per deelnemer!

Fantastische droom komt uit!

Annemarie is blij met haar vierde danslocatie: 'Het starten op een nieuwe locatie in Utrecht is mogelijk door de fijne samenwerking met Bartiméus. Ik kan als ondernemer mijn vragen stellen en ik krijg denkkracht! Dat maakt me blij, want alleen kan ik dit niet.'

'Bartiméus zorgt ervoor dat ik verder kan komen met het verwezenlijken van mijn droom en dat is heel Nederland te laten salsadansen! Net als Bartiméus maak ik mij hard voor de participatie van mensen die slechtziend of blind zijn in de samenleving.'







ARTIKEL: WAT IS HET EVOLUTIONAIR NUT VAN TONGZOENEN?
Bron: Redactioneel/Gezondheid.be.

Weet jij waar tongzoenen vandaan komt? Ooit gedacht dat het iets met vogels te maken zou kunnen hebben? Volgens professor Van Hooff is er wel degelijk een connectie.

Kussen, een dikke pakkerd geven, tongworstelen, brommers kiek’n: hoe je het ook noemt, zoenen is hartstikke goed voor je. Maar waarvoor precies? Dat zochten wij voor je uit. We ontdekten dat tongzoenen helpt tegen snurken, het je immuunsysteem boost en zelfs je tanden beschermt. Deze zes redenen overtuigen je om vaker een potje te tongzoenen.

1. Tongzoenen zorgt voor minder gaatjes:

“Tongzoenen is erg goed voor het mondmilieu”, vertelt Richard Kohsiek, tandarts en KNMT-bestuurslid. “Bij het zoenen maak je extra veel speeksel aan en dat houdt je tanden en tandvlees gezond. Het speeksel helpt bacteriën namelijk makkelijker weg te spoelen en dat verkleint de kans op plaque en gaatjes. Een aanrader dus!”

2. Het boost je immuunsysteem:

Kohsiek: “Uit onderzoek blijkt dat als je tien seconden tongzoent er zo’n 80 miljoen microbiële cellen worden uitgewisseld. Dat klinkt misschien niet zo aantrekkelijk, maar door te zoenen boost je letterlijk je immuunsysteem. Je bouwt ook nog eens een goede weerstand op door de uitwisseling van al die bacteriën.”

3. Door te tongzoenen verbrand je calorieën:

We mogen niet overdrijven, want je kunt nog steeds beter gaan wandelen of fietsen, maar door te zoenen verbrand je inderdaad calorieën. Zo’n twee tot zes calorieën per minuut. Alle kleine beetjes helpen.

4. De kans is kleiner dat je snurkt:

Het is niet alleen tongzoenen dat helpt tegen snurken: uit onderzoek bleek dat mensen die driemaal per dag, acht minuten lang, tong- en mondgymnastiek deden, minder gingen snurken. Dat komt doordat je mond- en tongspieren steviger worden, waardoor de tong tijdens de slaap minder snel in de keel zakt. En dat helpt tegen snurken.

5. Tongzoenen helpt je huid strak te houden:

Ook als je zoent zet je spieren aan het werk: de spieren in je gezicht. Tijdens een potje tongworstelen train je zo’n dertig verschillende gezichtsspieren. Een soort gezichtsyoga dus. Zo houd je je huid op een natuurlijke manier strak.

6. Het werkt stressverlagend:

Onderzoekers van de Amerikaanse Universiteit Lafayette ontdekte dat koppels na een kwartier zoenen, minder van het stresshormoon cortisol in hun bloed hadden dan ervoor. Tijdens het zoenen komen daar feel good-stofjes als endorfine en dopamine voor in de plaats. En hoe langer de relatie, hoe groter het effect.

Vijf opvallende zoenfeiten:

1. Tweederde van de mensen kantelt het hoofd naar rechts tijdens het zoenen.

2. Volgens Amerikaans onderzoek vinden vrouwen het belangrijker om te zoenen dan mannen.

3. lippen zijn honderd keer meer gevoeliger dan je vingertoppen en zelfs je vagina.

4. gemiddeld besteden we twee weken van ons leven aan zoenen. Dat is omgerekend 336 uur.

5. Zoenen is niet universeel. Uit een onderzoek van de universiteit van Nevada is gebleken dat er in veel culturen helemaal niet romantisch gekust wordt. In Latijns-Amerika bijvoorbeeld wordt er slechts in vier van de 33 culturen die de antropologen onder de loep namen, innig gezoend.







ARTIKEL: STUDENT MET ARBEIDSBEPERKING WEER EERLIJKE KANS OP ONDERWIJS.
Bron: Redactioneel/FOKnieuws

De Tweede Kamer heeft recentelijk ingestemd met een motie van lid Raemakers, Renkema, Peters en Van Brenk die ervoor zorgt dat studenten die een arbeidsbeperking hebben voortaan in iedere gemeente gelijk behandeld zullen worden en een eerlijke bijdrage zullen ontvangen. Dit is een enorme opluchting voor de Landelijke Studentenvakbond (LSVb). Voorzitter Carline van Breugel: ‘Momenteel is er veel ongelijkheid met betrekking tot de individuele studietoeslagen omdat deze afhankelijk is van waar de student woont. Met deze motie worden procedures, aanvullende eisen en de hoogte van de toeslag voor alle studenten met een functiebeperking gelijk getrokken. Dit is een belangrijke stap!’

Nu ontvangt een student met een arbeidsbeperking gemiddeld 110 euro per maand. Dankzij de motie gaan studenten meer dan het dubbele; ongeveer 300 euro per maand ontvangen. Dit is een belangrijke ontwikkeling ten opzichte van de huidige situatie. Eerder onderzoek van de LSVb toonde aan dat de hoogte van de toeslagen momenteel enorm verschilt per gemeente. Zo ontvangen studenten in Heerlen bijvoorbeeld 10 keer minder (€31 euro p.m) dan studenten in Zwolle (€310 p.m). Ook hanteerden de gemeenten verschillende aanvullende eisen en aanvraagprocedures. De maandelijkse toelage wordt met deze motie in alle gemeenten gelijkgesteld aan de studieregeling uit de Wajong, die voor deze studenten gold voor het invoeren van de individuele studietoeslag. Van Breugel: ‘Met deze toelage krijgen studenten met een functiebeperking eindelijk weer waar zij recht op hebben, namelijk; een eerlijke kans op het hoger onderwijs.’

Naast het opheffen van de regionale verschillen moet deze motie er ook voor zorgen dat het geld, bedoeld voor deze studenten, daadwerkelijk bij hen terecht komt. Uit een rapportage van Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) bleek namelijk dat er van de 53 miljoen die in de jaren 2015-2017 beschikbaar was voor studenten met een arbeidsbeperking, 50 miljoen op de plank is blijven liggen. Dit komt naast de verschillen in de hoogte van de toeslag door het gebrek aan goede voorlichting over deze regeling waardoor studenten niet bekend zijn met de toeslag. Van Breugel: ‘We zijn blij dat de politiek nu handelt en opkomt voor deze studenten. Nu moet staatssecretaris Van Ark er nog voor zorgen dat studenten die recht hebben op de toeslag de regeling weten te vinden.’







ARTIKEL: DE NEDERLANDSE TANDARTS STERFT UIT.
Bron: Redactioneel/NU.nl/ANP MediaWatch.

Een op de zes tandartsen die in Nederland werkt, komt uit het buitenland. Bijna iedereen kent wel een Poolse, Spaanse of Griekse tandarts die niet hier is opgeleid, maar wel gaatjes vult en kiezen trekt. Waarom staan er plots zo veel buitenlandse tandartsen in de behandelkamer?

Het antwoord is simpel: Nederland kampt met een tandartsentekort. Elk jaar gaan er meer tandartsen met pensioen (300) dan dat er aan de universiteit afstuderen (240). De komende tien jaar gaat zelfs een op de drie tandartsen van de oude dag genieten, schat de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot Bevordering der Tandheelkunde (KNMT).

Tel daarbij op dat er een limiet van 259 nieuwe studenten per jaar op het aantal plekken in de studie tandheelkunde zit. Die numerus fixus werd in 2006 met opzet niet verhoogd, met het idee dat assistenten en mondhygiënisten veel taken van tandartsen kunnen overnemen. In de praktijk heeft dat anders uitgepakt: er zijn óók tekorten in die groepen.

"Pas afgestudeerde tandartsen hebben een riante positie. Ze hebben de praktijken voor het uitkiezen. Intussen is de tandarts in Zeeland aan het uitsterven", zegt praktijkhouder Arjan van den Dorpel (57). Eén Zeeuwse tandarts (vooral oudere mannen) behandelt gemiddeld 2.700 inwoners, een stuk meer dan de 1.950 in de rest van het land.

Niet warmlopen voor de praktijk op het platteland.

Toen tandarts Van den Dorpel uit het Zeeuwse vissersdorp Yerseke met zijn collega (51) op zoek ging naar een potentiële opvolger, stuitte hij op het tandartsentekort. Hij wilde iemand in dienst die op termijn de praktijk zou overnemen en met wie zijn patiënten een langdurige vertrouwensband konden opbouwen. Maar geen van de afgestudeerden uit Amsterdam, Groningen en Nijmegen liep warm voor een aanstelling in de praktijk op het platteland.

“Pas afgestudeerde tandartsen hebben de praktijken voor het uitkiezen.”

Arjan van den Dorpel, tandartspraktijkhouder.

Tandartsen uit voornamelijk België en Duitsland, maar ook Spanje, Portugal en Griekenland, vullen dit gat op. Met een diploma behaald in landen uit de Europese Economische Ruimte (EER) en een bewijs van taalvaardigheid kan een buitenlandse tandarts zich inschrijven in het BIG-register en de boor ter hand nemen.

Vloeiend Nederlands.

16 procent van de geregistreerde tandartsen komt inmiddels uit het buitenland, in de provincie Zeeland is dat zelfs 35 procent. "Dat lijkt extremer dan het is, er werken hier ook veel Belgen", zegt Van den Dorpel.

Hij schakelde bemiddelaar DPA in. Dit bureau rekruteert tandartsen uit heel Europa en verzorgt een intensieve Nederlandse talencursus van drie maanden. "Het zijn per definitie ondernemende en leergierige mensen die voor zo'n avontuur gaan." Eigenschappen die bij een tandarts in het midden van Zeeland blijkbaar niet mogen ontbreken.

“De buitenlandse tandartsen die hier komen zijn ondernemende en leergierige mensen.”

Arjan van den Dorpel, tandartspraktijkhouder.

Dankzij de bemiddelaar vult en vijlt er sinds twee jaar een jonge Portugese tandarts (27) bij hem in de praktijk. Ze werkte al in het Zuid-Europese land, maar zocht meer uitdaging en een hogere standaard van zorg. "We hadden vanaf dag één een klik. Ze spreekt vloeiend Nederlands en mensen gaan zonder enige aarzeling naar haar toe. Het geeft rust dat er iemand is die van plan is hier langer te blijven."

Andere manier van werken.

Is er nog een kwaliteitsverschil? Nee, volgens Van den Dorpel, al valt het hem wel op dat de manier van tandzorg in Nederland soms anders is. "Wij zijn erg preventief ingesteld. Het is hier ingesleten om twee keer per jaar langs te komen voor controle. In andere landen, waar de vergoedingen anders zijn geregeld, is het meer gericht op acute zorg, zoals tanden trekken."

Intussen hamert Van den Dorpel via het Capaciteitsorgaan, een commissie die de overheid adviseert, op een verhoging van de opleidingsplekken voor tandartsen. Want nu de economie in andere landen weer aantrekt, is het voor buitenlandse artsen steeds minder aantrekkelijk om huis en haard te verlaten. Zelfs niet voor het pittoreske Zeeland.







ARTIKEL: HULPMIDDEL OM ‘VERGETEN GROEP’ AAN HET SPORTEN TE KRIJGEN.
Bron: Redactioneel/Gemeente.nu.

Kinderen, ouderen en kwetsbare doelgroepen: sport- en beweegbeleid richt zich in verhouding vaak op hen, en minder op volwassenen met wie niets bijzonders aan de hand is. Om deze ‘vergeten groep’ aan het bewegen te krijgen en te houden, stelden een aantal organisaties gezamenlijk een factsheet op.

‘Gemeenten besteden weinig aandacht aan volwassen sporters in de leeftijd van 20 tot 65 jaar,’ zo schrijft Vereniging Sport en Gemeenten (VSG). Terwijl er volgens de organisatie genoeg reden is om dat juist wel te doen. ‘Het is bijvoorbeeld een grote groep mensen (77,3 procent van de bevolking). Of het feit dat overgewicht het sterkst stijgt (met 27 procent) in de leeftijdsgroepen 25 tot en met 45 jaar.’ Daarnaast voldoen steeds minder mensen aan de beweegrichtlijn, aldus de organisatie. VSG ontwikkelde daarom samen met Kenniscentrum Sport en NOC*NSF het Factsheet Sporten en bewegen (jong)volwassenen.

Motieven en belemmering.

Het informatieblad brengt in kaart wat de motieven en belemmeringen van bepaalde leeftijdsgroepen zijn. Waarom stoppen mensen met sporten en bewegen en wat hebben ze nodig om weer te starten? Iemand van 35 jaar met een fulltime baan en twee kleine kinderen bevindt zich bijvoorbeeld in een andere levensfase dan een babyboomer die net met pensioen gaat. Omdat de motivaties voor sporten en bewegen niet voor iedereen hetzelfde zijn, vraagt dit om een aanpak die per groep of levensfase verschilt. Zo is het opbouwen van fitheid en gezondheid van belang voor de groep mensen van 65 jaar en ouder. Voor de groep mensen tussen de 21 en 35 jaar is dat juist bewegen op een moment dat het voor hen uitkomt.

Oplossingen en voorbeelden.

In het factsheet staan ook zeven verschillende aanpakken die gemeenten kunnen gebruiken in hun sportbeleid voor volwassenen. In de uitleg van elke oplossingsrichting staan praktische tips en voorbeelden hoe beter aan te sluiten bij de verschillende behoeften en wat je kunt doen om per leeftijdsgroep drempels weg te nemen. Denk aan een gericht accommodatiebeleid. Of het enthousiasmeren van sport- en beweegaanbieders, zodat zij bijvoorbeeld hun aanbod beter communiceren en laten aansluiten bij de behoeften van de doelgroep.

Ook genoemd: het beter benutten van de openbare ruimte. Denk aan ‘een beweegvriendelijke omgeving maken, hoe pak je het aan?’ Maar ook hoe je de doelgroep zelf stimuleert en activiteiten van inwoners faciliteert. Ook valt te lezen hoe je organisaties ondersteunt en stuurt op een aanpak per doelgroep, en wat een gericht subsidiebeleid kan opleveren.

Samen met inwoners op zoek naar de invulling van sport en bewegen in de gemeente? Wij publiceerden eerder Drie praktijkvoorbeelden van gemeenten die in gesprek zijn over hun sportvisie.







ARTIKEL: TABLET MEER DAN HULPMIDDEL ZORG OP AFSTAND.
Bron: Redactioneel/ICThealth.

Digitale toepassingen zoals tablets vinden steeds meer hun weg in de thuiszorg. Zo zet (thuis)zorgaanbieder Sensire tablets in om de zorg door eigen medewerkers te verbeteren. Maar ook voor cliënten biedt zo’n mobiel device voordelen. Sensire schrijft over het voorbeeld van thuiszorgmedewerkster Lucia Elschot, die met succes haar enthousiasme over de mogelijkheden van een iPad overbrengt op haar klanten.

Sensire gebruikt de iPad al enkele jaren om mensen medische zorg in hun eigen huis te bieden (zorg op afstand). Met behulp van beeldbellen van iPad en verschillende apps van FocusCura kunnen dokters en verpleegkundigen virtuele consulten houden bij ouderen.

Ook kunnen ze medische aandoeningen monitoren zoals hartfalen, COPD of Parkinson. Zorgmedewerkers gebruiken de iPad ook om patiënten te helpen bij dagelijkse activiteiten, behandeling van mentale ziekten en therapie bij verslaving. De iPad ondersteunt verder bij de behandeling van chronische aandoeningen zoals dementie of eenzaamheid.

‘Lucia Elschot (team Borculo en omgeving) probeert al haar enthousiasme over de mogelijkheden van een iPad over te brengen op haar klanten, schrijft Sensire. En met succes. Lucia is één van de motoren die zowel klanten als collega’s het liefst hele dagen wil inspireren over de mooie kant van digitalisering.’

Laagdrempelig kennis maken.

Volgens Elschot zijn de meeste klanten in eerste instantie afhoudend als het er om gaat iets met een iPad te doen. “ Ik probeer ze op een hele laagdrempelige manier kennis te laten met de mogelijkheden voordat de iPad ingezet gaat worden voor zorg op afstand. Eerst maar eens een potje patiencen, bingo-en of muziek luisteren. Ik help de klanten altijd persoonlijk en 1 op 1.”

Deze persoonlijke begeleiding gecombineerd met een simpele handleiding werkt heel goed, vertelt Elschot, ook omdat er geen enkele druk van anderen is. “Hierdoor worden alle vragen met het grootste gemak gesteld en raken de klanten snel vertrouwd met de iPad.”

Meer dan hulpmiddel.

Een iPad kan veel meer betekenen voor klanten dan een hulpmiddel voor zorg op afstand, merkt Elschot. Zo kan het gebruik ervan eenzaamheid verminderen, bijvoorbeeld door mogelijkheden zoals een spelletje doen, lekker muziek luisteren, online boeken lenen bij de bibliotheek (en de boeken lezen) of via Facetime contact zoeken met kinderen of kleinkinderen.

De klanten hebben zo weer ‘wat te doen’, wat ertoe bijdraagt dat zorgen over het ouder worden of een ziekte het leven een stuk minder beheersen. Sensire ontwikkelt samen met &Happy toepassingen die hier aan bijdragen, stelt Elschot.

Stukje zorg.

“Uiteindelijk is de iPad die onze klanten uitgereikt krijgen er ook voor een stukje zorg. Dat is de stap die ik met ze zet als het vertrouwen er is. Even beeldbellen op het moment dat je je even niet zo lekker voelt of twijfelt over je gezondheid is dan erg fijn. De klant kan bellen op het moment dat het hem of haar uitkomt, ze hoeven niet te wachten tot een volgend zorgmoment. Uiteindelijk zal deze manier van zorg verlenen ook de hoeveelheid zorgmomenten kunnen beperken.”

Tot slot bereidt Lucia haar klanten ook voor op de toekomst door ze vertrouwd te laten raken met digitale middelen. Zo kunnen minder mobiele ouderen in dorpen waar steeds meer voorzieningen verdwijnen online boodschappen doen via de iPad en dan thuis laten bezorgen.







ARTIKEL: HN-INFOPUNT: VOOR WIE IS DE WMO BEDOELD?
Een HN-INFOrmateur beantwoord een ingezonden vraag.

Wij ontvingen de volgende vraag:
"De gemeente stuurde mij met de hulpvragen omtrent mijn echtgenote naar het zogeheten Wmo-loket. Zij zou aanspraak kunnen/moeten maken op de Wmo. Maar, voor wie is die Wmo eigenlijk?"

Onze HN-informateur antwoord:
De WMO is bedoeld voor mensen die hulp nodig hebben om thuis te kunnen blijven wonen. Dit zijn bijvoorbeeld mensen die niet zelfstandig kunnen functioneren of mensen die niet kunnen participeren in de maatschappij. De WMO biedt een groot aantal vormen van hulp en ondersteuning aan burgers.

Onder welke voorwaarden valt u onder de WMO?

• U kunt niet (meer) meedoen in de samenleving

• U kunt niet (meer) zonder hulp thuis blijven wonen

• U kunt niet (meer) gebruik maken van het openbaar vervoer







ARTIKEL: ONZE LACHAFSLUITING.
Vandaag ingezonden door Petra den Teuling.

Een goochelaar zit op een cruise schip en doet allerlei trucjes. Maar elke keer zegt een papegaai: "De kaart zit in je broekzak!" of" Dat konijn kwam uit die doos!" Die goochelaar wordt het na een tijdje wel zat dat die papegaai de hele tijd zegt hoe zijn trucs in elkaar zitten, dus hij stopt er maar mee. De volgende dag vergaat het schip. Gelukkig weten de goochelaar en de papagaai zich aan een stuk hout drijvende te houden. Na 3 uur alleen elkaar te hebben aangekeken zonder wat te zeggen, roept de papegaai: "Ok, ik geef het op, waar heb je het schip gelaten?"











En dat was het weer voor vandaag. Maar we zijn snel bij je terug; morgen al.
Je kent HandicapNieuws... iedere (werk)dag 'uitgesproken' actueel voor gehandicapten, chronisch zieken én hun omgeving.
We wensen je nog een prettige dag en graag tot morgen.