Welkom op de speciaal toegankelijke website van HANDICAPNIEUWSnet. HANDICAPNIEUWSnet is uitgsproken actueel: vrijdag
Keuzeknoppen om terug te gaan naar: Startpagina
::

vrijdag

Keuze: ReadSpeaker uit.

Lees voor

U luistert naar HANDICAPNIEUWSnet NIEUWSUPDATE van vrijdag 16 juni 2017.

VANDAAG IN ONS NIEUWS:
Helft verpleegkundigen dreigt te stoppen door zware werkdruk.
Onderzoekers ontwikkelen nieuw middel dat huidkanker moet voorkomen.
Oog voor oudere mantelzorger in overheidscampagne.
Wees alert bij overstap ander merk geneesmiddel.
Duizenden euro's aan apparatuur gestolen uit Catharina Ziekenhuis.
Gemeenten: los tekorten sociaal domein op.
EU-hof verbiedt benaming 'sojamelk' en 'vegakaas'.
Meerderheid Kamer blijft voor openbaar maken tuchtuitspraken artsen.
Provincie Overijssel bekrachtigt succes Zorg op locatie met subsidie.
Nieuwe liedboeken nu ook voor blinden toegankelijk.
BOSK bezorgd over revalidatiezorg aan volwassenen met cerebrale parese.
Genen voor slapeloosheid gevonden.
6 miljoen om plotse hartdood te voorkomen.
Nog geen jaar oud en al 15 keer geopereerd.
Oproep aan kabinet: bescherm jeugd tegen gevaren van tabak.
Lagere eigen bijdrage Wmo voor gezinnen.
Kind krijgt in auto 9 tot 12 keer meer fijnstof binnen dan erbuiten.
Wat is kinkhoest eigenlijk en hoe gevaarlijk is het?
Verhogen eigen regie door 'Buurtcirkel'. [+Video]
Website Scouters vermindert zorgvraag bij traditionele zorgverlener.
Herken een geluid met je armband of een haarspeld. [+Video]
Fiets is terug van weggeweest.
Geen discussie meer mogelijk: vrouwen zijn écht sterker dan mannen.
INFOpunt: Wat is het verschil tussen een optometrist en een opticien?
Onze Lachafsluiting.

Voor meer informatie over de handicap nationaal? ga naar hun site: www.handicapnationaal.nl, mail naar info@handicapnationaal.nl, of bel op kantoortijden naar 06-12390746. en dan nu onze artikelen van vandaag.







ARTIKEL: HELFT VERPLEEGKUNDIGEN DREIGT TE STOPPEN DOOR ZWARE WERKDRUK.
bron: Redactioneel/V&VN/AD/ANP.
door: Carlijn de Groot.

Ruim de helft van de verpleegkundigen die regelmatig extra diensten moeten draaien in verband met personeelstekorten in hun organisatie, overwegen te stoppen met het werk omdat de belasting te zwaar wordt.

Dat blijkt uit een peiling van beroepsvereniging V&VN voor verpleegkundigen en verzorgenden. Ruim 750 mensen – waaronder opvallend veel wijkverpleegkundigen – reageerden. 86 procent van hen signaleert structurele personeelstekorten. Ruim één derde ziet vacatures in de eigen organisatie langer dan zes maanden open staan. V&VN vindt de resultaten van de peiling zo alarmerend, dat er uitgebreider onderzoek volgt.

V&VN vroeg haar achterban expliciet naar werkdruk en stress in combinatie met de gevolgen van personeelstekorten. Een overgrote meerderheid (85 procent) zegt dat de werkdruk de afgelopen vijf jaar is toegenomen. 53 procent van de respondenten draait wekelijks of maandelijks extra diensten om de roosterproblemen door het gebrek aan mensen op te lossen. De werkdruk levert bij 92 procent van de respondenten stress op tijdens het werk. 79 procent ervaart hierdoor ook privé stress. In de groep die regelmatig extra diensten draait, denkt 52 procent er soms over om te stoppen met hun baan.

Alarmerend.
Directeur Sonja Kersten van V&VN: ,,We hebben nu expliciet gevraagd naar hun persoonlijke ervaringen met werkdruk, vacatures en stress, zowel op het werk als privé. Dat levert een alarmerend beeld op van de mate van overbelasting die ze ervaren. Ik schrik vooral van het grote percentage mensen dat overweegt te stoppen.''

Staatssecretaris Van Rijn schreef in april aan de Tweede Kamer dat er tot 2022 70.000 extra mensen nodig zullen zijn, alleen al in de verpleeghuizen. Eind 2016 waren er bijna 25.000 vacatures, met name in de ouderenzorg, zowel in verpleeghuizen als in de wijkverpleging.

Voor V&VN zijn de resultaten van de peiling reden om de impact van personeelstekorten in de zorg verder uit te diepen. De beroepsvereniging dringt al langer aan op betere regionale samenwerking tussen opleidingen en stage-aanbieders om zoveel mogelijk verpleegkundigen op te kunnen leiden. Minstens zo belangrijk is het investeren in de mensen die het werk nu doen. Als de uitstroom van mensen toeneemt bij de nog groeiende tekorten, zijn de problemen niet te overzien, vindt V&VN.

"Ik schrik vooral van het grote percentage mensen dat overweegt te stoppen"

Sonja Kersten V&VN







ARTIKEL: ONDERZOEKERS ONTWIKKELEN NIEUW MIDDEL DAT HUIDKANKER MOET VOORKOMEN.
bron: Redactioneel/NU.nl/ANP.
door: Marlies van der Vloot.

Wetenschappers hebben een middel ontwikkeld dat zonlicht nabootst en de huid van een kleurtje kan voorzien zonder schadelijke UV-straling. In de toekomst kan het mogelijk helpen bij het voorkomen van huidkanker.

Dat zeggen onderzoekers naar aanleiding van een studie die is gepubliceerd in Cell Reports.

Het middel houdt de huid als het ware voor de gek, waardoor melanine wordt aangemaakt. Het zou ook werken bij roodharigen, die normaal gesproken snel verbranden in de zon. Melanine is het pigment dat de huid, het haar en de ogen kleur geeft. Daarbij is het een natuurlijke bescherming tegen de zon van het lichaam.

Het onderzoeksteam van Massachusetts General Hospital hoopt dat de ontdekking huidkanker in de toekomst kan voorkomen.

UV-licht maakt de huid donkerder en veroorzaakt daarbij schade. Dat gebeurt door een aantal chemische reacties, die uiteindelijk leiden tot de aanmaak van donkere melanine.







ARTIKEL: OOG VOOR OUDERE MANTELZORGER IN OVERHEIDSCAMPAGNE.
bron: Redactioneel/ANBO.
door: Carlijn de Groot.

De overheid moet een campagne lanceren die mantelzorgers bewust maakt van hun rechten. Een motie van Corinne Ellemeet (GroenLinks) die daartoe oproept werd vandaag aangenomen in de Tweede Kamer.

ANBO is blij met deze stap: zo'n 25 procent van alle Nederlanders verleent mantelzorg en het is van groot belang dat zij goed geïnformeerd zijn over hun rechten. Denk aan de mogelijkheid om hun eigen behoefte aan ondersteuning naar voren te brengen in het keukentafelgesprek tussen gemeente en degene voor wie zij zorgen. De gemeente moet hiermee rekening houden, en de mantelzorger ontlasten.

Full time-baan.
Uit onderzoek van ANBO bleek vorig jaar dat 38 procent de 80-plussers die mantelzorg verlenen, en dat een kwart dat meer dan 40 uur per week doen. "Dit is in feite een full time-baan", zo zegt ANBO-bestuurder Liane den Haan. "Maar bedenk dat deze mensen zélf ook vaak allerlei aandoeningen hebben en zelf ondersteuning nodig hebben. Deze mensen moeten weten waar ze om mogen vragen." Oudere mantelzorgers voelen zich (nog) niet aangesproken door het begrip 'mantelzorg ' en zullen zelf niet gauw om ondersteuning vragen. ANBO pleit daarom voor extra aandacht voor de oudere mantelzorger in de bewustwordingscampagne.

Overbelasting ligt op de loer.
Juist bij oudere mantelzorgers is een actieve opstelling van de gemeente nodig om te voorkomen dat ze overbelast raken. Bijvoorbeeld door mantelzorgers actief te betrekken bij het keukentafelgesprek en daar goede afspraken te maken. ANBO adviseert mantelzorgers die druk ervaren om tijdig hun grenzen aan te geven. Den Haan: "En kijk wat jouw gemeente doet om mantelzorgers te ondersteunen en informeer of er een Steunpunt Mantelzorg is. Veel gemeenten bieden respijtzorg aan. Daarmee kan degene voor wie wordt gezorgd een dag naar een dagopvang of kan een andere mantelzorger langskomen om de zorg even over te nemen."







ARTIKEL: WEES ALERT BIJ OVERSTAP ANDER MERK GENEESMIDDEL.
bron: Redactioneel/Radar/ANP.
door: Ton van Vugt.

Bijwerkingencentrum Lareb roept op tot betere bewaking van gevolgen van overschakeling op een ander merk geneesmiddel. Meestal gaat het overstappen prima, maar soms is sprake van bijwerkingen of verminderde werkzaamheid.

Over de afgelopen tien jaar waren er 2500 meldingen van gevolgen, maar het aantal is vooral de laatste twee jaar extra opgelopen. In totaal zijn er bij circa twintig wijzigingen van merk gevolgen gemeld. Lareb benadrukt dat artsen en patiënten zulke effecten vooral moeten melden, omdat dat nodig is om uit te vinden wat er aan de hand is en wat eraan kan worden gedaan.

Onvoldoende voorraad.

Meestal heeft 'substitutie' van een merk plaats omdat zorgverzekeraars dat willen, maar het kan ook nodig zijn doordat van een bepaald merk onvoldoende voorradig is. Apothekersvereniging KNMP ontraadt vervanging bij bepaalde groepen geneesmiddelen, zoals anti-epileptica. 'Toch komt dit in de praktijk voor', aldus Lareb.

Patiënt voor ogen houden.

Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen zegt dat het erg belangrijk is dat artsen en apothekers 'de patiënt voor ogen houden'. 'Generieke medicijnen zijn net zo werkzaam en veilig als de originele, maar niet iedere patiënt is hetzelfde.'







ARTIKEL: DUIZENDEN EURO'S AAN APPARATUUR GESTOLEN UIT CATHARINA ZIEKENHUIS.
bron: Redactioneel/Zorg.nu/ANP.
door: Carlijn de Groot.

In het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven hebben dieven afgelopen zaterdag medische apparatuur gestolen. Twee apparaten voor kijkonderzoek in het lichaam zijn buitgemaakt. De schade voor het ziekenhuis bedraagt meer dan 100.000 euro, liet een woordvoerder woensdag weten.

De apparatuur, die achter slot en grendel lag, werd weggenomen van de afdeling maag-, lever- en darmziekten. Op de apparaten staan geen patiëntgegevens. Ondanks de diefstal gaan de onderzoeken op de afdeling gewoon door omdat er meerdere zogeheten endoscopen zijn.

Het ziekenhuis heeft aangifte gedaan en omliggende ziekenhuizen ingelicht over de diefstal.







ARTIKEL: GEMEENTEN:
LOS TEKORTEN SOCIAAL DOMEIN OP.
bron: Redactioneel/BinnenlandsBestuur.
door: Margot Limburg/Ton van Vugt.

Sojamelk, tofuboter of vegakaas mogen niet onder die naam worden verkocht. Zuiver plantaardige producten mogen in principe niet op de markt worden gezet met woorden als melk, room, boter, kaas of yoghurt op het label.

Dergelijke benamingen zijn volgens het Europees recht uitsluitend bedoeld voor producten van dierlijke oorsprong, oordeelde het Europees Hof van Justitie woensdag.

Duitse rechtszaak

In Duitsland was een zaak aangespannen tegen TofuTown, dat vegetarische en veganistische producten maakt met woorden als boter en kaas in de naam, zoals 'Tofubutter', 'Pflanzenkäse'. Een rechter in Trier had het EU-hof om uitleg van de regels.

'Verwarringsgevaar bij de consument'

Hoewel het bedrijf de producten een naam geeft waaruit de plantaardige oorsprong blijkt, oordeelt het EU-hof dat daarin geen zuivelproducten mogen staan. De rechters wijzen onder meer op 'verwarringsgevaar bij de consument', zelfs als er een verduidelijkende tekst op het label staat.

'Sojaburger mag blijven'

Wel is er een lijst met uitzonderingen, waarin onder meer het Franse 'crème de riz' is opgenomen. Soja en tofu staan niet op de lijst, maar onder meer pindakaas, cacaoboter, leverkaas en kokosmelk wel, dus die benamingen blijven toegestaan. Overigens geldt de uitspraak niet voor vlees- of visvervangende producten: de sojaburger mag dus in de schappen blijven.

Geen grote gevolgen

Het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel vreest rompslomp maar verwacht niet dat de uitspraak uiteindelijk grote gevolgen zal hebben. 'Als je dit consequent doorvoert, dan heeft dat niet alleen gevolgen voor de levensmiddelen maar ook bijvoorbeeld voor verzorgingsproducten als bodymilk. Dan mag een zuivelproduct eigenlijk ook niet gekoppeld worden,' zegt directeur Marc Jansen van het CBL. 'Producten moeten dan opnieuw gelabeld worden. Daarover gaan wij dan in gesprek met het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). Maar dit zal niet zo'n vaart lopen."







ARTIKEL: EU-HOF VERBIEDT BENAMING 'SOJAMELK' EN 'VEGAKAAS'.
bron: Redactioneel/Radar/ANP.
door: Carlijn de Groot.

Sojamelk, tofuboter of vegakaas mogen niet onder die naam worden verkocht. Zuiver plantaardige producten mogen in principe niet op de markt worden gezet met woorden als melk, room, boter, kaas of yoghurt op het label.

Dergelijke benamingen zijn volgens het Europees recht uitsluitend bedoeld voor producten van dierlijke oorsprong, oordeelde het Europees Hof van Justitie woensdag.

Duitse rechtszaak

In Duitsland was een zaak aangespannen tegen TofuTown, dat vegetarische en veganistische producten maakt met woorden als boter en kaas in de naam, zoals 'Tofubutter', 'Pflanzenkäse'. Een rechter in Trier had het EU-hof om uitleg van de regels.

'Verwarringsgevaar bij de consument'

Hoewel het bedrijf de producten een naam geeft waaruit de plantaardige oorsprong blijkt, oordeelt het EU-hof dat daarin geen zuivelproducten mogen staan. De rechters wijzen onder meer op 'verwarringsgevaar bij de consument', zelfs als er een verduidelijkende tekst op het label staat.

'Sojaburger mag blijven'

Wel is er een lijst met uitzonderingen, waarin onder meer het Franse 'crème de riz' is opgenomen. Soja en tofu staan niet op de lijst, maar onder meer pindakaas, cacaoboter, leverkaas en kokosmelk wel, dus die benamingen blijven toegestaan. Overigens geldt de uitspraak niet voor vlees- of visvervangende producten: de sojaburger mag dus in de schappen blijven.

Geen grote gevolgen

Het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel vreest rompslomp maar verwacht niet dat de uitspraak uiteindelijk grote gevolgen zal hebben. 'Als je dit consequent doorvoert, dan heeft dat niet alleen gevolgen voor de levensmiddelen maar ook bijvoorbeeld voor verzorgingsproducten als bodymilk. Dan mag een zuivelproduct eigenlijk ook niet gekoppeld worden,' zegt directeur Marc Jansen van het CBL. 'Producten moeten dan opnieuw gelabeld worden. Daarover gaan wij dan in gesprek met het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). Maar dit zal niet zo'n vaart lopen."







ARTIKEL: MEERDERHEID KAMER BLIJFT VOOR OPENBAAR MAKEN TUCHTUITSPRAKEN ARTSEN.
bron: Redactioneel/RTLnieuws.
door: Marlies van der Vloot.

Een meerderheid van de Tweede Kamer voelt er niets voor om te stoppen met het openbaar maken van de tuchtuitspraken van artsen. Ondanks de kritiek van de artsenfederatie KNMG, vindt een meerderheid dat de vuile was van artsen gewoon bekend gemaakt moet worden.

Dat blijkt uit een rondgang van het RTL Nieuws.

Sinds 2012 worden de namen openbaar gemaakt van artsen die een fout hebben gemaakt en door een tuchtrechter zijn berispt of een boete kregen. De naam van de arts én de aard van het vergrijp is te lezen in regionale kranten en vijf jaar lang te zien in het openbare BIG-register. Dat heeft grote gevolgen, bleek deze week uit onderzoek van het Nederlands Instituut voor gezondheidszorg NIVEL. Artsen voelen zich 'aangevallen', ‘boos' of 'gecriminaliseerd.' 1 op de 10 artsen die 'aan de schandpaal genageld is', is zelfs gestopt met werken.

Niet beter.
Sinds 2012 worden de namen openbaar gemaakt van artsen die een fout hebben gemaakt en door een tuchtrechter zijn berispt of een boete kregen. De naam van de arts én de aard van het vergrijp is te lezen in regionale kranten en vijf jaar lang te zien in het openbare BIG-register. Het NIVEL onderzocht de gevolgen van deze openbaarmaking.

De uitkomst van het NIVEL-onderzoek is zorgelijk, concludeert René Héman van de artsenfederatie KNMG.? De artsenfederatie denkt dat deze manier van werken de zorg niet beter maakt: "Artsen maken soms fouten en daar moeten zij van kunnen leren, maar een publieke schandpaal leidt eerder tot een defensieve houding van artsen, wat de zorg niet beter maakt", stelt een woordvoerder.

Niet veranderen.
Toch blijft een ruime Kamermeerderheid van VVD, GroenLinks, CDA en PVV voor deze manier van openbaarmaking en willen zij de huidige regels niet veranderen. D66 twijfelt wel of dit de juiste manier is.







ARTIKEL: PROVINCIE OVERIJSSEL BEKRACHTIGT SUCCES ZORG OP LOCATIE MET SUBSIDIE.
bron: Persbericht/Zorg op locatie.
door: Ton van Vugt.

Zorg op locatie, de schakel tussen recreatieondernemingen en zorgverleners, heeft na een zeer succesvol pilot jaar in 2016 onlangs een subsidie verkregen van de provincie Overijssel. Dit is een belangrijke stap, want nu kan Zorg op locatie verder uitbreiden. Doel is om in het hele land zorgverleners en recreatielocaties als campings, hotels en vakantieparken bij elkaar te brengen zodat iedereen met een lichte zorgvraag gewoon op vakantie kan!

Ervoor zorgen dat iedereen op vakantie kan, ongeacht de zorg die nodig is. Dat is de missie van Zorg op locatie. Nu de groep 65-plussers en mensen met een lichte beperking steeds groter wordt, is het steeds vaker nodig om zorg te verlenen op vakantieadressen. Dan gaat het niet alleen om geplande zorg, maar ook bij acute zorg kan er direct ter plekke geholpen worden. Zorg op locatie bundelt daarom krachten van recreatiebedrijven en zorgverleners. In 2016 bleek al dat de vraag hiernaar zeer groot is.

Oprichtster Carla Mastenbroek vertelt over het succes van vorig jaar: “Mensen met een lichte zorgvraag, denk aan die mevrouw met borstkanker, die meneer met een stoma en het gezin met een autistisch kind, kunnen vaak niet op vakantie als ze niet iets regelen voor wat betreft zorg. Ze willen meestal niet naar een speciaal verblijf voor mindervaliden, maar juist naar een ‘gewone’ camping of hotel. Als een recreatieverblijf zich aansluit als zorglocatie zorgen wij ervoor dat er de meest kwalitatieve zorg geleverd wordt.”

Verder uitbreiden
Met de subsidie kan Mastenbroek verder uitbreiden: “We gaan onze website, waarop mensen zoeken naar vakantieadressen inclusief zorg, verder automatiseren. Zo wordt het voor hen nog makkelijker om een vakantie inclusief zorg te boeken. De bij ons aangesloten recreatiebedrijven en zorgverleners krijgen zo extra klanten zonder dat ze daar zelf de pr of acquisitie voor hoeven te doen.” Ook worden de deelnemersvoorwaarden voor zorgverleners en recreatieondernemers verder doorontwikkeld. Zo blijft kwaliteit hoog in het vaandel staan.







ARTIKEL: NIEUWE LIEDBOEKEN NU OOK VOOR BLINDEN TOEGANKELIJK.
bron: Persbericht/CBB.
door: Ton van Vugt.

Met behulp van het Braillefonds van de NCB heeft de CBB, Christelijke Bibliotheek voor Blinden en Slechtzienden, zeven nieuwe of vernieuwde liedboeken in braille, grootletter en digitale vorm uit kunnen brengen.

De NCB, Nederlandse Christelijke Blinden- en slechtzienden Bond, heeft een financiële bijdrage aan de CBB gegeven om nieuwe liedboeken en nieuwe edities van bestaande liedboeken om te zetten naar braille, grootletter en digitale vorm. Op deze manier kunnen ook mensen met een leesbeperking deelnemen aan de kerkdienst en andere kerkelijke activiteiten.

Maar liefst drie nieuwe liedboeken zijn nu voor het eerst toegankelijk voor blinden en slechtzienden: Weerklank, Hemelhoog en Op Toonhoogte. Dankzij de NCB is het mogelijk om naast deze drie ook andere liedboeken in aanvullende passende leesvormen beschikbaar te stellen.

Voor blinden en slechtzienden is het belangrijk om toegang te hebben tot christelijke lectuur. Met behulp van de liedbundels in passende leesvormen kunnen zij participeren in de erediensten. De CBB heeft als doelstelling te voorzien in de behoefte aan christelijke lectuur en informatie bij een ieder met een leesbeperking.







ARTIKEL: BOSK BEZORGD OVER REVALIDATIEZORG AAN VOLWASSENEN MET CEREBRALE PARESE.
bron: Redactioneel/BOSK.
door: Ton van Vugt.

Vorig jaar trok de BOSK aan de bel: steeds vaker lieten volwassenen met cerebrale parese (CP) ons weten dat zij niet de zorg kregen die ze nodig hadden. Sindsdien zijn wij in gesprek met Revalidatie Nederland (RN), de Vereniging van RevalidatieArtsen (VRA) en op enige afstand de zorgverzekeraars. De BOSK heeft deze week een brief gestuurd naar RN en VRA met het verzoek om nog voor de zomer de eerste stappen te zetten om de zorg aan volwassenen met CP te verbeteren.

Natuurlijk hebben we de RN en de VRA verontwaardigd laten weten dat steeds meer mensen in de problemen komen. Dat laatste hebben we vastgesteld dankzij iedereen die de enquête dit voorjaar invulde.

Met een aantal actieve artsen en bestuurders hebben we intussen intensief samengewerkt om realistische oplossingen te bedenken voor het groeiende probleem dat volwassenen met CP niet de zorg kregen die ze nodig hadden.

Gezamenlijke brief aan RN en VRA.
In een gezamenlijke brief beschrijven we als mensen met CP én als artsen van mensen met CP wat er niet goed gaat in de revalidatiecentra en waarom dat een probleem is. Vervolgens dragen we verschillende oplossingen aan waar we samen mee aan de slag kunnen.

Deze week is de brief gestuurd aan Revalidatie Nederland (RN) en de Vereniging van RevalidatieArtsen (VRA) met het verzoek om voor de zomervakantie te besluiten hoe we de zorg aan volwassenen met CP samen beter kunnen maken.







ARTIKEL: GENEN VOOR SLAPELOOSHEID GEVONDEN.
bron: Redactioneel/AMC.
door: Marlies van der Vloot.

Een internationaal team van wetenschappers heeft voor het eerst zeven risicogenen gevonden voor slapeloosheid.

Door deze vondst hebben de wetenschappers een belangrijke stap gezet in het ontrafelen van de biologische mechanismen die zorgen voor slapeloosheid. De vondst bewijst daarnaast dat slapeloosheid geen puur psychische aandoening is, wat veelal wordt beweerd. Nature Genetics heeft de uitkomsten van dit onderzoek gepubliceerd.

Slapeloosheid is misschien wel de meest voorkomende gezondheidsklacht. Zelfs na behandeling blijft slecht slapen voor veel mensen een hardnekkige kwetsbaarheid. Met het vaststellen van de risicogenen komen hoogleraren Danielle Posthuma (VUmc/VU) en Eus van Someren (Nederlands Herseninstituut, VUmc/VU), die het internationale onderzoek leidden, dichterbij het ontrafelen van de biologische mechanismen die zorgen voor deze aanleg.

Hoop en erkenning voor slapelozen.

Hoogleraar Van Someren, gespecialiseerd in slaap en slapeloosheid, ziet de bevindingen als het begin van een traject naar het begrijpen van slapeloosheid tot op het niveau van communicatie binnen en tussen hersencellen, en daarmee het vinden van nieuwe behandelmogelijkheden.

Hij hoopt daarnaast dat de bevindingen erkenning van slapeloosheid teweeg brengen. "In verhouding tot de ernst, prevalentie en risico's van slapeloosheid wordt er nauwelijks onderzoek naar oorzaken gedaan. Te vaak wordt het probleem afgedaan met 'het zit tussen de oren'. Ons onderzoek opent een ander perspectief: het zit namelijk ook in de genen."

De onderzoekers vonden in een steekproef van 113.006 individuen zeven genen voor slapeloosheid. Deze genen hebben een rol in de regulatie van transcriptie (het proces waarbij DNA wordt afgelezen om er een RNA kopie van te maken) en exocytose (het proces waarbij cellen stoffen afgeven om te communiceren met hun omgeving). Voor één van de gevonden genen, MEIS1, was al eerder aangetoond dat het een rol speelt bij twee andere slaapstoornissen: Periodic Limb Movements of Sleep (PLMS) en Restless Legs Syndrome (RLS). Opvallend genoeg worden deze gekenmerkt door onrust van respectievelijk bewegen en voelen, en slapeloosheid vooral door onrust in de gedachtenstroom.

Genetische overlap met andere eigenschappen.

Daarnaast vonden de onderzoekers sterke genetische overlap met andere eigenschappen, zoals angststoornissen, depressie, neuroticisme, en een lager algemeen welbevinden. "Dit is een interessante bevinding omdat we deze eigenschappen vaak samen zien met slapeloosheid. We weten nu dat dit deels komt door een gedeelde genetische basis", zegt VU-neurowetenschapper Anke Hammerschlag, promovendus en eerste auteur op de studie.

Andere genen in mannen en vrouwen.

De onderzoekers bekeken ook of dezelfde genetische varianten in mannen en vrouwen van belang zijn. "Een deel van de genetische varianten bleek verschillend. Dit suggereert dat bij mannen en vrouwen deels verschillende biologische mechanismen tot slapeloosheid kunnen leiden", aldus hoogleraar Posthuma. "Een verschil tussen mannen en vrouwen zien we ook terug in de prevalenties: in de onderzochte steekproef van grotendeels vijftigplussers rapporteerde 33% van de vrouwen last te hebben van slapeloosheid. Bij de mannen was dit 24%."

De risicogenen konden worden opgespoord in cohorten met het DNA en de diagnoses van vele duizenden mensen. In de UK Biobank - een groot cohort uit Engeland waarvan DNA beschikbaar is - was geen informatie bekend over de diagnose van slapeloosheid, maar er was wel gevraagd of mensen moeite hadden met in slaap vallen en doorslapen. Door handig gebruik te maken van informatie uit slaapregister.nl (het Nederlands Slaap Register) kon in de UK Biobank voor het eerst worden vastgesteld wie aan het profiel van slapeloosheid voldeed. Het koppelen van kennis uit deze twee cohorten maakte het verschil.







ARTIKEL: 6 MILJOEN OM PLOTSE HARTDOOD TE VOORKOMEN.
bron: Redactioneel/AMC.
door: Marlies van der Vloot.

Met een Fondation Leducq grant van zes miljoen dollar willen AMC-onderzoekers en collega’s uit Utrecht en de VS behandelingen ontwikkelen die plotse hartdood voorkomen.

Centraal staat onderzoek naar natriumkanalen in hartspiercellen die een cruciale rol spelen bij het hartritme. Deze kanalen regelen de aansturing van het hart via elektrische signalen.

Drie keer is scheepsrecht. Professor Connie Bezzina en haar collega-onderzoekers van het Hartcentrum probeerden tot drie keer toe de beurs binnen te halen om de rol van het natriumkanaal bij plotse hartdood te kunnen ontrafelen. En nu is het gelukt. “Van dat bedrag krijgt mijn groep ongeveer een miljoen dollar, waarmee we de komende vijf jaar in het AMC aan de slag kunnen. En door de samenwerking tussen Europese en Amerikaanse researchgroepen zal het onderzoek naar natriumkanalen in een stroomversnelling raken en veel sneller tot resultaten leiden. Maar dat is niet het enige belangrijke aspect van deze grant”, vertelt Bezzina, hoogleraar Moleculaire Cardiogenetica en Europees coördinator van het samenwerkingsverband.

Collega-onderzoeker Carol Ann Remme vult aan: “Een eis die Fondation Leducq stelt aan de ontvangers van de grant, is dat ze met het geld jonge onderzoekers opleiden. Die gaan op internationaal niveau samenwerken met andere wetenschappers. Ze bouwen hierdoor al vroeg in hun loopbaan een breed netwerk op, en dat geeft een impuls aan hun carrière. Hierdoor verzekeren we ons ervan dat we ook op de langere termijn een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het onderzoek naar plotse hartdood.”

Topje van de ijsberg.

Plotse hartdood is al decennialang een onderzoeksgebied waarin het Hartcentrum een cruciale rol speelt. Al vele jaren geleden zagen Bezzina en Arthur Wilde, hoogleraar Cardiologie in het AMC, dat de natriumkanalen gemuteerd zijn bij mensen die aan plotse hartdood overlijden. Zo’n mutatie is erfelijk en is vaak al op jonge leeftijd fataal. Onderzoek was er op gericht om te kijken hoe je in hartspiercellen natriumkanalen kunt beïnvloeden om hartritmestoornissen te voorkomen. De beeldvorming en andere screeningstechnologieën waren voorheen niet verfijnd genoeg om tot in het kleinste detail naar die kanalen te kijken. “We zagen maar het topje van de ijsberg. In werkelijkheid is zo’n kanaal veel complexer dan we dachten”, vertelt Bezzina. “Daarom konden we hartritmestoornissen niet specifiek genoeg aanpakken.”

Sinds enkele jaren zijn die technieken er wel en kunnen de wetenschappers op zoek gaan naar kleine moleculen die in staat zijn om natriumkanalen te beïnvloeden. Bezzina: “Er is bijvoorbeeld geavanceerde imaging-technologie die tot in het kleinste detail naar zo’n kanaal kan kijken. De technieken die we nu gaan gebruiken, laten ons zien wat op dit moment maximaal mogelijk is.”

Medicijnen.

Waarom zijn die natriumkanalen zo belangrijk? Ze spelen de hoofdrol bij een normaal hartritme, legt Remme uit. Het natriumkanaal bepaalt voor een groot deel hoe een hartspiercel reageert op de elektrische prikkel die het hart tot pompen aanzet. Bepaalde hart- en vaatziekten en genetische afwijkingen beïnvloeden het functioneren van het natriumkanaal. Het gevolg: hartritmestoornissen die kunnen leiden tot plotse hartdood.

Bij ongeveer de helft van de mensen die aan een hart- en vaatziekte overlijden, is sprake van plotse hartdood. De onderzoekers hopen uiteindelijk medicijnen te vinden die de natriumkanalen zodanig beïnvloeden dat er geen hartritmestoornis optreedt. Maar dan moeten ze eerst meer te weten komen over de kanalen: “Wat is precies hun functie in verschillende delen van de hartspiercel, hoe komen die kanalen daar, en hoe kunnen we ze beïnvloeden? We zijn nu eindelijk in staat om in detail te bepalen welke processen een rol spelen bij het slecht functioneren van natriumkanalen, zodat we nieuwe aangrijpingspunten kunnen vinden om plotse hartdood te voortkomen.”

Meer informatie over de beurs op de website van Fondation Leducq.







ARTIKEL: NOG GEEN JAAR OUD EN AL 15 KEER GEOPEREERD.
bron: Redactioneel/Zorg.nu/Tubantia.
door: Carlijn de Groot.

Ze is pas acht maanden oud en heeft al vijftien hartoperaties achter de rug. De Belgische Maartje Verheijen is nog te jong om alles te realiseren, maar later zal haar worden verteld worden wat voor strijd ze heeft gestreden. Haar ouders blikken terug op een onstuimige periode in het nog prille bestaan van hun dochter.

Toon Verheijen (38) en zijn vrouw Joyce de Sager (41) vertellen aan Tubantia hoe het leven van Maartje meerdere keren aan een zijden draadje hing. Maartje, geboren met een hypoplastisch linkerhart, onderging vijftien hartoperaties, waarvan twee zeer ingrijpend. Zo lag ze twee weken lang in coma met een open borstkas. Ze herstelde goed en vocht hard. Ze mocht zelfs met kerst naar huis naar haar ouders en tweelingzusje om zich voor te bereiden op de grootste openhartoperatie van haar leven.

'Maartje verloor zoveel bloed dat de dokters het niet meer bij konden houden'

Moeder Joyce vertelt hoe het leek alsof in eerste instantie de vijf uur durende operatie goed zou gaan. 'Daar lag ze dan, ons Maartje. Niet meer aan de hart-longmachine, zoals na haar eerste zware openhartoperatie, enkel nog aan de beademing. Maar een paar uur later begon ze te bloeden. Artsen maakten haar borstkas opnieuw open, zodat haar hartje meer ruimte zou hebben om te genezen. En kort daarna, Toon en ik stonden op nog geen meter van haar bedje, verloor Maartje zo massaal veel bloed dat de dokters niet meer konden bijhouden met het bijgeven van bloed.'

'Kan mijn dochter sterven?'

Joyce kan het moment nog goed voor de geest halen toen ze aan de dokter vroeg of haar dochter kon sterven. Aarzelend antwoordde hij daarop: 'Ja, geef haar maar een afscheidszoen'. 'Ik stond op het punt om ons meisje die zoen te geven en haar te zeggen dat ze mocht gaan als ze wilde gaan.' Die kus kwam er niet. 'Op dat moment begon de arts met haar blote handen Maartjes hart, amper een vuist groot, te reanimeren. Ze had de tijd niet om haar handen te scrubben en om handschoenen aan te trekken. Toen ben ik flauwgevallen.'

'Je kan niks anders zeggen dan dat ze een vechtertje is'

Wonder boven wonder redde Maartje het. 'Haar artsen spreken over een medisch raadsel', zegt Joyce. Ondanks dat de reanimatie een halfuur duurde en er dertig minuten geen zuurstof naar de hersenen kwam, heeft Maartje geen letsel aan de operatie overgehouden. Joyce: 'Tot twee weken geleden lag ze 65 dagen op intensieve, en moet je haar nu zien zitten. Als je weet dat ze nog geen jaar oud is en dat er al vijftien keer aan haar hartje is geopereerd, dan kan je niet anders dan zeggen dat ze een vechtertje is.'

'Eindelijk twéé baby’s!'

Joyce en Toon lopen sinds 19 mei, de dag dat Maartje naar huis mocht, constant met hun dubbele buggy door de straten. 'En maar hopen dat we veel mensen tegenkomen, zodat we kunnen pronken met onze tweeling. Eindelijk twéé baby's! Geen vragende blikken meer, van: 'Waarom zit daar maar één kind in?' Een paar dagen geleden zei een kassière in de supermarkt: 'Ik heb altijd gedacht dat die buggy bedoeld was voor één kind plus de boodschappen. Maar het zijn dus echt twéé baby's?' Dan moet je ons zien glunderen.'

Een wereld gaat open voor Maartje

Nu Maartje uit het ziekenhuis weg is, gaat er een hele wereld voor haar open. Vader Toon: 'Ze heeft bijna alleen maar het plafond van een ziekenhuiskamer gezien. Vorige week wandelden we in het Arboretum in Kalmthout en ze bleef maar staren. Een bos? Wauw! Goddank is ze te klein om te beseffen wat ze allemaal heeft gemist.' Waar haar zus Lise al een eigen karakter heeft ontwikkeld, begint te kruipen en erop los babbelt, loopt Maartje nog wat achter. Toon ziet dat echter helemaal goed komen. 'Haar zusje zal het haar wel leren.'

Is de tweelingband nog intact?

Toon en Joyce hadden hun twijfels over de tweelingband van hun twee dochters. Maartje en Lise waren per slot van rekening nog maar weinig bij elkaar geweest. Joyce: 'Dat was ook onze angst: gaat er niets van die band verloren? Toen ze na hun couveusetijd voor het eerst samen in een bedje lagen, kon je al zo duidelijk zien dat ze een tweeling zijn. Ze lagen hoofdje tegen hoofdje, sabbelden op elkaars handje. Gelukkig is die band intact gebleven. We hebben Lise drie keer mee naar Maartje genomen op de intensive care en het was geweldig om te zien hoe de zusjes op elkaar reageerden.' De zusjes hadden gelijk contact met elkaar, wat nu ze thuis zijn nog steeds zo is. 'Ze zoeken elkaar, met de ogen en de handjes.'

4,5 kilo en kindermaatje 56

Maartje loopt lichamelijk wat achter. Ze heeft nog kledingmaat 56 voor pasgeborenen en ze weegt maar 4,5 kilo wat iets meer dan de helft van het gewicht van Lise is. Joyce vertelt dat dokteren inschatten dat het nog twee à drie jaar duurt voordat ze haar achterstand heeft ingehaald. 'Vergeet niet dat ze in totaal ruim zes maanden in het ziekenhuis lag en al die tijd haar spieren niet heeft kunnen trainen. Ze moet nog wekelijks op controle bij de hartspecialist, tien keer per dag krijgt ze hartondersteunende medicatie. En daar stopt het niet mee.' Maartje blijft haar hele leven hartpatiënt. Als ze twee jaar is dan volgt er zeer waarschijnlijk een nieuwe openhartoperatie, want haar rechterhartklap lekt nog altijd. Toch ziet Toon het met Maartje helemaal goed komen. 'Als je zo hard vecht om hier te blijven, moet je hier ook wel heel graag zijn. Onze Maartje wordt later vast een levensgenieter.'







ARTIKEL: OPROEP AAN KABINET: BESCHERM JEUGD TEGEN GEVAREN VAN TABAK.
bron: Redactioneel/Longfonds.
door: Marlies van der Vloot.

Ruim 50 organisaties, verbonden in de Alliantie Nederland Rookvrij, strijden gezamenlijk voor een Rookvrije Generatie.

Ze willen steun en doen een oproep aan een toekomstig kabinet om samen op weg te gaan naar een Rookvrije Generatie.

84% van de Nederlanders is voorstander en vindt dat de overheid in actie moet komen om te voorkomen dat kinderen beginnen met roken. Ook vindt ruim 80% dat de overheid maatregelen moet nemen om te voorkomen dat kinderen worden verleid om te gaan roken of blootgesteld worden aan tabaksrook. Bovendien vinden twee op de drie Nederlanders dat de Rookvrije Generatie moet worden opgenomen in een nieuw regeerakkoord. Dit blijkt uit recent verschenen onderzoek van Kantar Public in opdracht van KWF Kankerbestrijding onder 1021 respondenten.

Rookvrije generatie.

De Rookvrije Generatie is een generatie kinderen die rookvrij kan opgroeien: vrij van blootstelling aan tabaksrook en de verleiding om te gaan roken. Om te voorkomen dat kinderen met roken beginnen, zijn inspanningen van Rijksoverheid, gemeenten en maatschappelijke organisaties nodig.

Nieuwe beweging.

De beweging 'Op weg naar een Rookvrije Generatie' is een initiatief van KWF Kankerbestrijding, Hartstichting en Longfonds. Steeds meer partijen en personen steunen dit initiatief. Samen slaan we de handen ineen om het goede voorbeeld te geven en de omgevingen waar kinderen komen rookvrij te maken. Iedereen kan iets doen; zo gaan we samen op weg naar een Rookvrije Generatie.







ARTIKEL: LAGERE EIGEN BIJDRAGE WMO VOOR GEZINNEN.
bron: Redactioneel/ANBO.
door: Ton van Vugt.

Minister Dijsselbloem (Financiën) wil de maximale eigen bijdrage voor gezinnen die van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning gebruikmaken terugschroeven. Dat schrijft de Telegraaf vandaag.

De maatregel moet gaan gelden voor huishoudens die nog geen AOW ontvangen. Mooi nieuws, zegt ANBO, hoewel de eigen bijdrage Wmo voor veel meer mensen omlaag zou moeten.

"Uit onderzoek van het blad Binnenlands Bestuur is vorig jaar gebleken dat gemeenten weinig zicht hebben op de gevolgen van hun beleid, terwijl het in ruim een kwart van de gevallen leidt tot het vermijden van hulp en/of zorg. Het zou goed zijn als er voor iedereen een plafond komt aan de eigen bijdrage. zodat mensen die veel hulp of zorg gebruiken minder last hebben van de stapeling van kosten", zo zegt ANBO-bestuurder Liane den Haan.

Eigen bijdragen.
In de meeste gevallen laten gemeenten het eigen bijdragebeleid door het CAK vaststellen en innen, op grond van het Uitvoeringsbesluit Wmo. Er zijn ook gemeenten die een eigen bijdrage bepalen of zelfs heel bewust geen eigen bijdrage voor maatwerkvoorzieningen vragen. Ten slotte zijn er gemeenten die een maatwerkvoorziening omzetten in een algemene voorziening: de eigen bijdrage wordt dan geïnd door een thuiszorgaanbieder; Dit kan leiden tot een stapeling van eigen bijdrage die boven het plafond uit het Uitvoeringsbesluit Wmo uitkomt. In het Uitvoeringsbesluit staan zowel inkomens- als vermogensgrenzen. ANBO zet zich in om een dergelijke stapeling van kosten tegen te gaan.







ARTIKEL: KIND KRIJGT IN AUTO 9 TOT 12 KEER MEER FIJNSTOF BINNEN DAN ERBUITEN.
bron: Redactioneel/RTLnieuws.
door: Carlijn de Groot

Kinderen die naar school lopen of fietsen, lopen veel minder risico om fijnstof binnen te krijgen dan wanneer ze met de auto worden gebracht.

De concentratie fijnstof is in de auto namelijk veel groter dan daarbuiten. Dat komt door de ventilatie van de auto, die stromen fijnstof naar binnen trekt, blijkt uit diverse onderzoeken.

DNA aangetast.
Het inademen van fijnstof is niet alleen slecht voor de longen van het kind, maar recent onderzoek toont ook aan dat kinderen er slechter door gaan leren en zelfs hun DNA wordt aangetast.

Professor Stephen Holgate, een astma-expert van de universiteit van Southampton, zegt in The Guardian dat diverse onderzoeken uitwijzen dat de concentratie fijnstof in de auto negen tot twaalf keer groter is dan daarbuiten. "Kinderen zitten op de achterbank en krijgen door de ventilatie de uitlaatgassen van de bus of vrachtwagen vóór hen binnen."

Laten staan.
Kinderen zijn veel kwetsbaarder dan volwassenen, zegt Holgate, omdat luchtvervuiling de groei van hun longen beïnvloedt en ademhalingsziekten als astma kan veroorzaken.

De hoogleraar David King, die advies geeft aan de Britse Longfederatie, zegt dat het voor onze gezondheid het beste is om de auto maar helemaal te laten staan. "Ik denk dat als automobilisten de schade zouden kennen die zij hun kinderen aandoen, ze nog weleens extra zouden nadenken voordat ze in hun auto stappen."







ARTIKEL: WAT IS KINKHOEST EIGENLIJK EN HOE GEVAARLIJK IS HET?
bron: Redactioneel/NOSjournaal.
door: Marlies van der Vloot.

Een piepende ademhaling, koorts en vastzittend slijm. Kenmerken die horen bij kinkhoest, een ziekte die vooral gevaarlijk is voor jonge kinderen.

De Gezondheidsraad komt vandaag met een advies voor volwassenen die werken met kinderen tot zes maanden. Zij moeten van hun werkgever een vaccinatie tegen kinkhoest aangeboden krijgen. Maar hoe gevaarlijk is kinkhoest eigenlijk?

Kinkhoest is een zeer besmettelijke ziekte die wordt overgedragen via het hoesten. De boosdoener is de Bordetella parapertussis-bacterie. Omdat het hoesten vaak maandenlang aanhoudt, wordt kinkhoest ook wel de '100-dagenhoest' genoemd.

De allerkleinsten.
In eerste instantie lijkt kinkhoest op een gewone neusverkoudheid. Maar als na één tot twee weken de typische kinkhoestklachten, zoals koorts, een droge hoest, slijm en een piepende ademhaling optreden, dan heb je kinkhoest. Oftewel, een 'kinkende' hoest.

Kinkhoest is vooral voor de allerkleinsten gevaarlijk, vertelt Pim van Gool, voorzitter van De Gezondheidsraad. "Het is een vervelende ziekte, ook voor volwassenen. Maar voor hen is het niet gevaarlijk. Het zijn juist de kleintjes die te maken hebben met ernstige complicaties."

Pasgeboren baby's kunnen bijvoorbeeld in een hoestkramp raken: ze stoppen dan langdurig met ademhalen en lopen blauw aan. In het ergste geval overlijdt het kind. Tussen 2005 en 2014 kwam het vijf keer voor dat een kind aan kinkhoest overleed.

Alle baby's in Nederland worden gevaccineerd. Alleen het vervelende is dat dit onvoldoende bescherming biedt.

Pim van Gool, voorzitter van De Gezondheidsraad

Alle baby's in Nederland worden gevaccineerd. "Alleen het vervelende is dat er onvoldoende bescherming wordt geboden door die vaccinatie", zegt Van Gool. Daarom is de vaccinatie niet zozeer bedoeld om het personeel te beschermen, maar moet het voorkomen dat pasgeboren kinderen de ziekte oplopen.

De Gezondheidsraad adviseerde eerder al om zwangere vrouwen in het vervolg in te enten tegen kinkhoest.

Kinkhoest moet vanzelf genezen. Er zijn wel behandelingen, maar die zijn gericht op de bestrijding van symptomen, zoals het weghalen van slijm.

De beschikbare vaccins tegen kinkhoest bieden geen levenslange bescherming. Daarom adviseert de Gezondheidsraad, het belangrijkste adviesorgaan van de minister van Volksgezondheid, om mensen die met jonge kinderen werken eens in de vijf jaar in te enten. Het gaat daarbij om onder andere mensen die werken in een ziekenhuis, de kraamzorg of de kinderopvang.

In Nederland worden kinderen al sinds 1954 tegen kinkhoest gevaccineerd. Het vaccin is verwerkt in een combinatieprik tegen diverse andere infectieziekten. Alle kinderen kunnen deze vaccinatie krijgen op een leeftijd van 2, 3, 4 en 11 maanden, en bij 4 jaar oud. Vijf keer in totaal.

Vanaf twee maanden worden baby's dus ingeënt tegen kinkhoest. Tot die tijd lopen zij het meeste risico om de ziekte op te lopen. Daarom is van belang dat zij uit de buurt worden gehouden van niezende en hoestende mensen.

Ook is het vaccin bij kinderen tot zes maanden nog niet optimaal actief en de afweer nog niet voldoende opgebouwd. Daarom wil de Raad met dit advies deze kwetsbare groep extra beschermen.







ARTIKEL: VERHOGEN EIGEN REGIE DOOR 'BUURTCIRKEL'. [+VIDEO]
bron: Redactioneel/GGZ Nederland.
door: Carlijn de Groot.

In het programma ‘Buurtcirkel’ dat ontwikkeld is door Pameijer, ondersteunen 8 tot 12 deelnemers in een wijk elkaar in een sociaal netwerk.

Een vrijwilliger zorgt voor stimulans en verbindt de Buurtcirkel met de buurt en wijk. De leden vormen niet alleen met elkaar een netwerk, maar sluiten ook aan bij de bestaande infrastructuren. Een professionele buurtcirkelcoach fungeert daarbij als vangnet. De oorsprong van dit concept ligt in Londen.

Met elkaar en voor elkaar.

De deelnemers ondersteunen elkaar vanuit hun eigen talenten, met hulp van een vrijwilliger en een professionele Buurtcirkelcoach. Bij praktische dingen, zoals klussen in huis en tuin of de administratie. Maar ook bij meer persoonlijke dingen waar ze tegen aan lopen. De vrijwilliger is het aanspreekpunt voor de deelnemers, de coach is er alleen als het nodig is.

Meer grip op het leven.

De nadruk ligt niet meer op ondersteuning door professionals, maar het gezamenlijk vinden van oplossingen, een beroep doen op elkaars vaardigheden en gebruik maken van ieders talent. Op deze manier kunnen ‘kwetsbare’ mensen met hulp van elkaar en een vrijwilliger in de wijk wonen. Ze zijn zo minder afhankelijk van professionele zorg en dienstverlening.

Nieuwe wegen ggz en opvang.

Pameijer heeft een strategie ontwikkeld om het programma landelijk te verspreiden en ontwikkelde ook een training voor buurtcirkelcoaches. Buurtcirkel neemt deel aan het programma Nieuwe wegen ggz en opvang. Naast Rotterdam zijn er ook Buurtcirkels in Arnhem, Venray en Zaandam.

(Bekijk de video op onze website)







ARTIKEL: WEBSITE SCOUTERS VERMINDERT ZORGVRAAG BIJ TRADITIONELE ZORGVERLENER.
bron: Redactioneel/BOSK.
door: Marlies van der Vloot.

De website Scouters.nl (nieuw venster) helpt mensen zelf keuzes maken op het gebied van zelfstandig leven en wonen, en voorkomt soms zelfs dat mensen andere zorg inschakelen. Dat blijkt uit het onderzoek van Denise Rosheuvel. Hiervoor vroeg zij mensen na hun bezoek aan Scouters.nl of zij een oplossing voor hun probleem hadden gevonden op Scouters, en of zij voor dit probleem nog een zorgverlener zullen bezoeken. 81% van de respondenten gaf aan dat hun vraag veelal via Scouters beantwoord werd en dat daardoor een bezoek aan een traditionele zorgverlener niet meer nodig was.

De kosten voor de zorg, zoals die voor het eigen risico, en de tijd die een bezoek aan of van een zorgverlener kost, worden als drempel ervaren om een traditionele zorgverlener in te schakelen. Tegelijkertijd beoordelen de respondenten de zelfhulpsite Scouters als betrouwbaar, gebruikersvriendelijk en een belangrijke ondersteuning om zelfredzaam te kunnen zijn.

"We zijn natuurlijk heel blij met deze resultaten. Dit hadden we 1,5 jaar niet durven verwachten, toen we met de steun van fondsen Scouters gestart zijn. Inmiddels is een team van 10 vrijwilligers dagelijks aan de slag met Scouters en hebben we samen al meer dan 100.000 mensen verder kunnen helpen," aldus Erica Bouma, één van de oprichters van Scouters.

Advies traditionele zorgverlener blijft van groot belang.
Hoewel van mensen wordt verwacht zij steeds zelfredzamer zijn en Scouters in deze behoefte voorziet, blijft de inzet van traditionele zorgverleners cruciaal. Scouters werkt daarom samen met ergotherapeuten en verwijst veelvuldig naar de zorg van (revalidatie)artsen, ergotherapeuten en fysiotherapeuten.

Bouma: "Dat is ontzettend belangrijk. Op Scouters vind je veel informatie die je verder helpt, maar je ergotherapeut kent jouw persoonlijke situatie. Die kan je advies op maat geven, wat vaak cruciaal is bij de keuze voor een hulpmiddel. En verder zijn het WMO-loket, de gemeente, het zorgkantoor en de zorgverzekeraar natuurlijk cruciaal voor de verstrekking van hulpmiddelen die vergoed worden."

Over Scouters en het onderzoek.
Scouters werd 1,5 jaar geleden opgericht voor en door mensen met een bewegingsbeperking, in Nederland gaat dat om een groep van ruim 2 miljoen mensen. De onafhankelijke zelfhulpsite biedt oplossingen en hulpmiddelen zodat mensen met een blessure, handicap of bewegingsbeperking door ouderdom, zoveel mogelijk kunnen blijven doen wat ze willen doen. Dat kan een oplossing zijn bij het huishouden, een hip alternatief voor de rollator of de meest innovatieve rolstoel.

Het onderzoek werd afgenomen onder 70 Scouters-bezoekers, in de leeftijd van 24-86 jaar; 41% van de respondenten was man en 59% vrouw. De data werden verzameld in de periode november 2016 tot en met januari 2017.

U kunt de managementsamenvatting downloaden via Scouters (nieuw venster).







ARTIKEL: HERKEN EEN GELUID MET JE ARMBAND OF EEN HAARSPELD.
bron: Redactioneel/Doof.nl.
door: Carlijn de Groot.

Een haarspeld of ketting die je helpt om geluiden te herkennen? Het bestaat! De Ontenna zet omgevingsgeluiden om in tril- en flitssignalen. En wat te denken van een armband die jongeren waarschuwt voor te harde geluiden? Wie weet lopen straks alle festivalbezoekers met zo'n gadget om hun pols.

De Ontenna, die lijkt op een haarspeld, laat doven en slechthorenden voelen en zien welke omgevingsgeluiden er zijn. Het trilt en flitst namelijk op het tempo van geluiden. Elk geluid is uniek en daardoor ook elk signaal. De gebruikers kunnen hierdoor geluiden onderscheiden en herkennen. De Otenna reageert op geluiden tussen de 30 dB en 90 dB en past de intensiteit van de trillingen en flitsen daarop aan. In totaal is de Onntenna geprogrammeerd met 256 unieke signalen.

Een student uit Japan, Honda Tatsuya, zat in het eerste jaar van de universiteit toen hij op het idee kwam voor het apparaatje. Op een cultureel festival ontmoette hij in 2009 iemand die doof is, en dat inspireerde hem. Door de jaren heen werd het idee verder ontwikkeld, uitgeprobeerd en ontstonden er verschillende uitvoeringen. Naast de haarspeld variant is er ook een Otenna ketting. Draag je liever oorbellen, dan kies je voor de oorhangers. Momenteel is de Otenna nog niet op de Nederlandse markt. Houdt de website van Ontenna in de gaten voor het laatste nieuws.

Decibrace.

De Decibrace is een armband die verkleurt en trilt als het in de buurt komt van te harde geluiden. Een handig waarschuwingssignaal om gehoorschade te voorkomen, want je weet precies wanneer je oordoppen in moet doen. Wat begon als een gewone opdracht voor hun studie bouwkunde, bleek al snel een gat in de markt. Studenten van de Haagse Hogeschool en de TU Delft merkten dat veel jongeren kampen met gehoorschade. Zij werken nu samen aan de Decibrace. Een armband die met waarschuwingslampjes en trilsignaal aangeeft dat de drager te dicht bij harde geluiden staat.

Het is lastig te horen wanneer geluid daadwerkelijk te hard en dus schadelijk is. De Decibrace kan een uitkomst zijn. De hoorsector reageert positief op het product en de bedenkers zijn zelfs met een oordoppenfabrikant in gesprek. De studenten zijn daarnaast genomineerd voor ‘De student company van het jaar’ award. De bedoeling is dat de armband voor ongeveer 10 euro per stuk op de markt komt.

(Bekijk de video op onze website)







ARTIKEL: FIETS IS TERUG VAN WEGGEWEEST.
bron: Redactioneel/Rijksoverheid.
door: Marlies van der Vloot.

De fiets in Nederland beleeft een revival.

Dat zei minister Schultz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) bij de opening Velo-city, het grootste fietscongres van de wereld. In een toekomst van slimmer, schoner en soepeler vervoer, speelt de fiets een belangrijke rol.

Daarom heeft het Rijk met regionale overheden en maatschappelijke organisaties een nieuwe fietsagenda

2017-2020 opgesteld. Meer veiligheid, beter verbonden steden en in tien jaar tijd 20 procent meer kilometers op de fiets. Schultz sprak op Velo-city, het fietscongres waar 1500 professionals elkaar tot en met 16 juni treffen in de regio Arnhem-Nijmegen.

De fiets.

Meer dan een kwart van alle verplaatsingen in Nederland gaat per fiets en gemiddeld fietst iedere Nederlander zo’n 1000 kilometer per jaar. We hebben meer fietsen - ruim 22 miljoen stuks - dan inwoners, ongeveer 17 miljoen mensen. Tegenwoordig is een op de drie verkochte fietsen een e-bike.

Velo-city.

Het thema van Velo-city is dit jaar 'the freedom of cycling'. Op de laatste congresdag wordt de European Cycling Strategy aan eurocommissaris Bulc aangeboden. Dit is het ontwerp van de Europese strategie voor de komende jaren om fietsen een belangrijkere rol te geven.







ARTIKEL: GEEN DISCUSSIE MEER MOGELIJK:
VROUWEN ZIJN ÉCHT STERKER
DAN MANNEN.
bron: Redactioneel/RTLnieuws.
door: Carlijn de Groot.

Oké: als het aankomt op zuivere spierkracht, heeft de man het beter met zichzelf getroffen. Maar als het gaat om langer leven, legt hij het absoluut af tegen de vrouw. Hoe meer gegevens wetenschappers erover verzamelen, hoe sterker de overtuiging dat niet de man, maar de vrouw het sterke geslacht is.

"Op vrijwel elke leeftijd lijken vrouwen betere overlevers dan mannen", zegt de Amerikaanse hoogleraar Steven Austad in The Guardian. Wetenschapsjournalist Angela Saini geeft in de Britse krant een overzicht van de stand van zaken op het gebied van veroudering.

Ze was nieuwsgierig geworden toen ze in het ziekenhuisbed lag bij te komen van een bevalling. "Tot grote blijdschap van mijn familie had ik ze een zoon geschonken. Degene die op een dag jampotten voor me gaat opendraaien. De held die de klusjes komt doen en het vuilnis buiten zal zetten. Iemand die geboren is om sterk te zijn, omdat het een man is."

De sleutel tot een langer leven.
Maar is dat wel echt zo? Hoogleraar Steven Austad, specialist op dit terrein, vertelt haar dat veel collega-wetenschappers de sleutel tot een langer leven tegenwoordig zoeken bij de vrouw. Een blik op de cijfers is afdoende: van de 43 mensen op aarde van wie op dit moment vaststaat dat ze ouder zijn dan 110, zijn er 42 vrouw. De manier waarop ze die leeftijd hebben bereikt, loopt enorm uiteen. Maar ze delen dus, op één na, die superbelangrijke eigenschap: ze zijn vrouw.

"Wij zijn van mindere kwaliteit", zei hoogleraar ouderengeneeskunde Rudi Westendorp ooit tegen dagblad Trouw. "Mannen zijn een soort Ferrari's: rijden wel hard, maar staan ook vaak aan de kant. Vrouwen zijn in die vergelijking degelijke Mercedessen: minder snel, maar wel betrouwbaar."

Vrouw moest het langer uithouden.
Vrouwen kregen kinderen en moesten voor hen zorgen: zo was het in de natuur geregeld. Dus als die kinderen er eenmaal waren, konden mannen rustig omvallen – hun biologische nut was uitgewerkt. Des te belangrijker was het voor vrouwen dat hun lichaam de schade die ze opliepen, beter kon herstellen: ze moesten het langer uithouden.

Van die evolutie zijn de gevolgen nog steeds merkbaar. 'Women get sicker, men die quicker' (vrouwen worden zieker, maar mannen gaan eerder dood): dat is het gezegde dat artsen in Britse ziekenhuizen al snel meekrijgen, legde de Nederlandse bioloog Vincent Jansen onlangs uit aan RTL Nieuws.

Jansen deed in Londen onderzoek naar de manier waarop virussen vat krijgen op mannen en vrouwen. Want daar zit soms een enorm verschil tussen, en veel infectieziekten veroorzaken meer sterfte bij mannen dan bij vrouwen.

Maar het is geen verschil dat pas op latere leeftijd ontstaat. Integendeel. Bij pasgeborenen die exact dezelfde zorg krijgen, schrijft Angela Saini in The Guardian, is de kans dat een jongetje komt te overlijden statistisch gezien 10 procent groter dan dat een meisje komt te overlijden. "Door onbekende oorzaak krijgen meisjes in de baarmoeder kennelijk een extra dosis overlevingskracht."

Ziektes verergeren sneller bij mannen.
Het lijkt erop dat dat ook later in het leven van pas komt. De Amerikaanse specialist Kathryn Sandberg legt in The Guardian uit dat hart- en vaatziekten zich bij mannen veel eerder aandienen dan bij vrouwen. Hetzelfde geldt voor het moment waarop hoge bloeddruk toeslaat. En de mate waarin ziektes verergeren, is bij mannen over het algemeen ook groter dan bij vrouwen.

Maar niet alles moet worden toegeschreven aan de fysieke verschillen tussen man en vrouw, zegt hoogleraar Austad. Een deel valt ook te verklaren uit hun gedrag. Mannen zijn roekelozer, bagatelliseren vaker de gevaren, doen vaak risicovoller werk – en volgen minder vaak een gezond dieet. En vrouwen? Die stappen, zoals vrijwel elke blik in de wachtkamer leert, sneller naar de dokter als er iets aan mankeert.

Alzheimer als uitzondering.
Verouderingsdeskundige Steven Austad van de universiteit van Alabama (foto rechts) nam de sterftecijfers in de Verenigde Staten uit het jaar 2010 onder de loep. Gecorrigeerd voor leeftijd overleden minder vrouwen dan mannen aan twaalf van de vijftien meestvoorkomende doodsoorzaken, waaronder kanker en hartaandoeningen.

Vrouwen en mannen die leden aan de ziekte van Parkinson of die een beroerte kregen, hadden een even grote kans om te overlijden. De ziekte van Alzheimer is de enige uitzondering: aan de gevolgen daarvan overleden meer vrouwen dan mannen.

Daarnaast zijn vrouwen vatbaarder voor auto-immuunziekten als reumatoïde artritis en multiple sclerose (MS). Dat komt, paradoxaal genoeg, doordat hun immuunreactie juist zo krachtig is: het lichaam valt zijn eigen cellen aan doordat het soms té goed is in het bestrijden van infecties.

Dat is, zegt Austad in The Guardian, een van de 'straffen' waarmee de vrouw te maken krijgt omdat ze een betere overlever is dan de man. "Je haalt het, maar je komt niet ongeschonden uit de strijd tevoorschijn."







ARTIKEL: INFOpunt:
WAT IS HET VERSCHIL TUSSEN EEN OPTOMETRIST EN EEN OPTICIEN?
Dagelijks een duidelijk antwoord op een gestelde vraag.

Wij ontvingen de volgende vraag:
"Ik wil binnenkort mijn ogen laten meten, maar kan ik dan het beste naar mijn opticien of een optometrist? En wat is het verschil eigenlijk?"

Onze HN-informateur antwoord:
De opticien meet uw gezichtsscherpte en de bijbehorende brilsterkte. Wanneer u wilt weten hoe het met de gezondheid van u ogen is gaat u naar de optometrist deze kan naast het bepalen van de bril- of contactlenssterkte ook naar de gezondheid van uw oog kijken.

Opticien:

Vroeger was de start van een bril of contactlenzen een bezoek aan de oogarts. Vervolgens zorgde de opticien voor de juiste bril of contactlenzen.

Optometrist:

Tegenwoordig kun je zonder verwijzing van de huisarts een afspraak met de optometrist maken voor een oogonderzoek. Want sinds 2000 is dit beroep officieel opgenomen in de “Wet BIG” (wet op beroepen in individuele gezondheidszorg). De optometrist is wettelijk erkend als oogzorgverlener.

Optometrie is een zelfstandig beroep in de eerstelijns oogzorg en zal vanwege de wachtlijsten en vergrijzing een steeds grotere rol gaan spelen.

Naast de contactlens- aanpassingen/controles en oogmetingen, voeren zij optometrische onderzoeken uit om eventuele oogafwijkingen op te sporen. Als verdere behandeling nodig blijkt te zijn, dan wordt u doorverwezen naar de huis- of oogarts.

Titelbescherming.

Het beroep opticien kent geen titelbescherming. Het is dus (helaas) toegestaan dat niet-gediplomeerden zich opticien kunnen noemen. Dit zelfde geldt voor het beroep contactlensspecialist. Bij Woldringh worden uw ogen uitsluitend gemeten door medewerkers met minimaal het MBO- optiek diploma, MBO- contactlensspecialisten diploma of HBO gediplomeerde optometristen.

Het beroep optometrist is een wettelijke erkende beroepsgroep binnen de gezondheidszorg en geniet hierdoor titelbescherming.







ARTIKEL: ONZE LACHAFSLUITING.
Onze dagelijks afsluiting met een lach.
Vandaag ingezonden door Milly Simons uit Venray.

Er komt een man bij de Dokter en zegt tegen hem: "Dokter ik denk dat ik met een probleem zit!". "Hoezo?", vraagt de Dokter. "Nou elke morgen ronde de klok van zeven uur leg ik zo'n grote hoop neer, dat is haast niet voor te stellen", zegt de man. "Maar kerel", zegt de Dokter, "dat is toch fantastisch, dat betekend dat je darmflora uitstekend in orde is, ik zie niet wat hier een probleem aan zou kunnen zijn???" "Nou......", begint de man aarzelend, "ik word pas om acht uur wakker!!!"











En hiermee zijn de weer aan het einde gekomen van de laatste editie van Handicapnieuwsmail van deze week.
We wensen jullie een heel prettig weekend en tot aanstaande maandag.

Ga naar:
- Maandag.
- Dinsdag.
- Woensdag.
- Donderdag.
- Vrijdag.